Plantaire fasciitis

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Esculaap     Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.
Plantaire fasciitis
Fasciitis plantaris
Röntgenfoto van het hielbeen met een hielspoor.
Röntgenfoto van het hielbeen met een hielspoor.
Coderingen
ICD-10 M72.2
ICD-9 728.71
DiseasesDB 10114
MedlinePlus 007021
eMedicine pmr/107
Portaal  Portaalicoon   Geneeskunde

Plantaire fasciitis, fasciitis plantaris of fibromatose van de fascia plantaris is een ontsteking van de fascie aan de onderkant van de voetzool. De fascia plantaris is de bindweefselband die onder de voetzool doorloopt en de bal van de voet met het hielbeen verbindt. Deze aandoening veroorzaakt vooral pijn in de hielstreek en daarom spreekt men dikwijls over hielpijn.

Fasciitis plantaris is een vaak voorkomend overbelastingsletsel van de voet. De symptomen: pijn onder het hielbeen (calcaneus) en/of onder de voetzool tijdens gewichtsdragende activiteiten zoals stappen en lopen.

Risicofactoren[bewerken]

Sporters met een sterke belasting op de fascie, zoals lopers en mensen die springsporten doen hebben een verhoogd risico. Dit is zeker het geval indien de trainingsintensiteit fel wordt opgedreven of er op onaangepaste ondergrond getraind wordt. Ook een trauma, zoals hard neerkomen op een platte voet, kan aanleiding geven tot fasciitis. Tevens is er een duidelijke correlatie met overgewicht. Verder is een slecht afrolpatroon van de voet geassocieerd met deze aandoening.

Pathofysiologie[bewerken]

Fasciitis plantaris is een overbelastingsletsel. Veelvuldige belasting van de fascie kan leiden tot microscheurtjes wat eventueel kan leiden tot ontsteking en degeneratie van het bindweefsel (collageen) in de fascie. De term fasci-itis doet voorkomen dat we hier te maken hebben met een ontstekingsproces (de uitgang -itis wijst op een ontsteking). Hoewel er aanvankelijk inderdaad een ontstekingsproces plaatsvindt, wat zich o.a. uit in roodheid, zwelling en pijn, evolueert deze aandoening snel naar een degeneratief proces. We spreken dan van een tendinose in plaats van een tendinitis. Als de aandoening langdurig bestaat treedt er vaak een verkalking in de aanhechting van de fascie aan het hielbeen op, die de naam 'hielspoor' draagt. Deze is echter niet de oorzaak van de pijn of de ziekte maar een gevolg van de ontstekingsprocessen.

Symptomen[bewerken]

Er is een eerder diffuse pijn onder de hiel, die eventueel kan uitbreiden naar de voetzool. Typisch is dat de pijn toeneemt indien men gewicht zet op de voet en dat de pijn het ergst is in het begin van de belasting, bijvoorbeeld 's morgens na het uit bed komen of indien men begint te stappen na een tijdje gezeten te hebben. Indien men even rondwandelt zal de pijn vaak verminderen. Vaak is er een specifiek pijnpunt aan de voorzijde van de hiel.

Behandeling[bewerken]

De aandoening is 'self-limiting': hij gaat vanzelf over met een natuurlijk beloop van ongeveer 1 à 2 jaar. Een onderzoek toonde aan dat 80% van de conservatief behandelde patiënten na 4 jaar geheel pijnvrij was[1]. Er zijn vele behandelingen gepropageerd, wat meestal een zeker teken is dat er geen een goed werkt. Voor geen enkele behandeling is een sterk bewijs van effectiviteit gevonden.[2]. Wel zijn er enige tips die vaak een redelijk resultaat opleveren.

Er zijn drie belangrijke pijlers waarop de conservatieve behandeling steunt, namelijk: verminderen van de ontsteking in de acute fase, vermindering van de belasting op de fascie en het herstel van spierkracht en flexibiliteit.

Vermindering van ontsteking kan gebeuren door een bad van ijswater te nemen of door ijs te leggen op de pijnlijke zone. Verder kunnen ontstekingsremmers (NSAID's) gebruikt worden gedurende enkele dagen. Eventueel kan een lokale infiltratie met corticoïden gegeven worden indien er persisterende pijn is. Deze infiltraties zijn echter zeer pijnlijk en kunnen in sommige gevallen ook aanleiding geven tot scheuren van de fascie (Lemont 2003), zodat een goede indicatiestelling noodzakelijk is. Een cochrane review[3] vond een verbetering na 1 maand, maar geen verschil zes maanden na de injecties bij mensen die wel of geen injecties hadden gehad.

Vermindering van de belasting op de fascie kan met taping volgens het Medical Taping Concept, of door orthopedische aanpassingen zoals steunzolen, hielcups (blessurehoek hielkussen plus) e.d. Demping van de kracht van het neerkomen met visceus-elastische siliconenzooltjes leidt bij sommigen tot vermindering van de pijn. Goede (sport)schoenen met een stevige ondersteuning van de voetboog zijn noodzakelijk. In erge gevallen kunnen bepaalde onderbeencasts (soort van braces) gedragen worden. Bij obese mensen wordt aangeraden om af te vallen.


Meer recent wordt ook de zogenaamde extracorporele schokgolftherapie (ESWT) gepropageerd. Deze behandeling kan gebeuren wanneer de klachten enkele maanden persisteren en de bovengenoemde behandelingen geen effect hebben. ESWT maakt gebruik van sterke ultrasone geluidsgolven die de zachte weefsels binnendringen. Er zijn echter tegenstrijdige resultaten te vinden in de medische literatuur. De onderzoeken zijn grotendeels methodologisch van slechte kwaliteit. De enige groep waarbij in 1 onderzoek een effect is aangetoond is er een van 45 lange-afstandshardlopers[4]. Twee goed opgezette onderzoeken vonden geen effectiviteit van deze behandeling.[5][6]

Een operatieve ingreep kan overwogen worden indien de pijn langer dan een jaar aanhoudt, en de conservatieve behandeling onvoldoende effect heeft. Er bestaat een aantal onderzoeken hierover, maar wederom geen onderzoeken met controlegroep waaruit ook een effect blijkt[7][8][9][10][11]. Tot 27% van de patiënten bleef ook na een operatie nog pijn houden. De hersteltijd was aanzienlijk, minimaal 4 maanden.

Differentiaal diagnostiek[bewerken]

De diagnose van fasciitis plantaris wordt soms te snel gesteld. Een goed vraaggesprek met de patiënt (anamnese) is van groot belang. Enkele mogelijke andere oorzaken van hielpijn zijn:

  • afgeleide pijn uit microverkrampingen (myofasciale triggerpoints) in de kuit en/ of voetzoolspieren
  • kneuzing of ontsteking van het vetkussen onder de hiel. De pijn neemt dan meestal toe naarmate men meer wandelt.
  • Ziekte van Séver (eerder bij kinderen rond de 9-10 jaar)
  • compressie van de L5 of S1 zenuwwortel ter hoogte van de lage rug
  • geknelde zenuw (perifeer neurogeen entrapment) ter hoogte van de voetzool
  • stressfracturen van de voetbeentjes
  • geassocieerde hielpijn bij bepaalde reumatische aandoeningen
  • Spina calcanei (hielspoor)
Bronnen, noten en/of referenties
  1. Wolgin M, Cook C, Graham C, Mauldin D. Conservative treatment of plantar heel pain: long-term follow-up. Foot Ankle Int 1994;15:97-102
  2. Cole C, Seto C, Gazewood J: Plantar Fasciitis: Evidence-Based Review of Diagnosis and Therapy. American Family Physician 72:11(1/12/2005)
  3. Crawford F, Thomson C. Interventions for treating plantar heel pain. Cochrane Database Syst Rev 2003;(3):CD000416.
  4. Rompe JD, Decking J, Schoellner C, Nafe B. Shock wave application for chronic plantar fasciitis in running athletes. A prospective, randomized, placebo-controlled trial. Am J Sports Med 2003;31:268-75.
  5. Speed CA, Nichols D, Wies J, Humphreys H, Richards C, Burnet S, et al. Extracorporeal shock wave therapy for plantar fasciitis. A double blind randomised controlled trial. J Orthop Res 2003;21:937-40.
  6. Haake M, Buch M, Schoellner C, Goebel F, Vogel M, Mueller I, et al. Extracorporeal shock wave therapy for plantar fasciitis: randomised controlled multicentre trial. BMJ 2003;327:75.
  7. Brown JN, Roberts S, Taylor M, Paterson RS. Plantar fascia release through a transverse plantar incision. Foot Ankle Int 1999;20:364-7.
  8. Davies MS, Weiss GA, Saxby TS. Plantar fasciitis: how successful is surgical intervention? Foot Ankle Int 1999;20:803-7.
  9. Fishco WD, Goecker RM, Schwartz RI. The instep plantar fasciotomy for chronic plantar fasciitis. A retrospective review. J Am Podiatr Med Assoc 2000;90:66-9.
  10. Boyle RA, Slater GL. Endoscopic plantar fascia release: a case series. Foot Ankle Int 2003;24:176-9.
  11. Vohra PK, Giorgini RJ, Sobel E, Japour CJ, Villalba MA, Rostkowski T. Long-term follow-up of heel spur surgery. A 10-year retrospective study. J Am Podiatr Med Assoc 1999;89:81-8.