Rugslag (wedstrijdslag)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Rugslag
start van een wedstrijd rugslag tijdens het EK Zwemmen 2008
start van een wedstrijd rugslag tijdens het EK Zwemmen 2008
Kampioenen
Vlag van België kampioen Heren
Sander Helderweirt (50m)
Emmanuel Vanluchene (200m)
Dames
Mirthe Goris (100m)
Vlag van Nederland kampioen Heren
Bastiaan Lijesen (50m)
Bastiaan Lijesen (100m)
Nick Driebergen (200m)
Dames
Kira Toussaint (50m)
Sharon van Rouwendaal (100m)
Sharon van Rouwendaal (200m)
Wereld kampioen Heren
Liam Tancock (50m)
Jérémy Stravius (100m)
Ryan Lochte (200m)
Dames
Anastasia Zuyeva (50m)
Jing Zhao (100m)
Melissa Franklin (200m)
Olympischkampioen Heren
Aaron Peirsol (100m)
Ryan Lochte (200m)
Dames
Natalie Coughlin (100m)
Kirsty Coventry (200m)
Portaal  Portaalicoon   Sport
Rugcrawl

Rugslag is een zwemslag die op de rug wordt gezwommen. In de wedstrijdsport wordt rugslag gezien als alle denkbare slagen waarbij het lichaam op de rug blijft liggen. In de praktijk wordt de rugcrawl vaak gebruikt als rugslag. Het onderdeel heeft als voordeel een eenvoudige ademhaling, maar als nadeel dat de zwemmer niet ziet waar hij zich bevindt. Om dat te ondervangen worden in zwembaden vaak herkenningspunten aan het plafond boven het bassin bevestigd. Tijdens wedstrijden hangen op vijf meter van de kant zogenoemde "rugslagvlaggen" boven het water. De zwemmer weet hoeveel slagen hij moet zwemmen van deze vlaggen tot de kant. Dit neemt niet weg dat het risico om tegen de kant te botsen nog steeds aanwezig is.

De rugslag werd voor het eerst gedemonstreerd bij de Olympische Spelen van 1912 in Stockholm, en wel door Harry Hebner. Omdat de Amerikaan het nummer won, stond zijn techniek geruime tijd symbool voor anderen. Lange tijd is gezwommen met gestrekte armen. Tegenwoordig hanteren zwemmers uitsluitend de gebogen armtechniek.

Reglement[bewerken]

Volgens het door de FINA vastgestelde reglement moet de deelnemer:

  • Tijdens een wedstrijd de gehele wedstrijd op zijn rug blijven liggen. Hij verlaat de rugligging indien de hoogstliggende schouder een hoek maakt van minimaal 90 graden met het wateroppervlak;
  • Wanneer de rugligging bij het keerpunt wordt verlaten, dient de keerhandeling met één ononderbroken armslag te worden ingezet;
  • Ook mag de deelnemer na elke start en elk keerpunt niet meer dan 15 meter - in rugligging - onder water zwemmen;
  • Als laatste dient er bij de rugslag altijd in rugligging te worden aangetikt bij de aankomst.

Rugslag in wedstrijdverband[bewerken]

  • 50 meter rugslag (geen olympisch nummer)
  • 100 meter rugslag
  • 200 meter rugslag

Bovendien maakt de rugslag (rugcrawl) deel uit van:

  • 100 meter wisselslag (alleen gezwommen op kortebaan)
  • 200 meter wisselslag
  • 400 meter wisselslag
  • 4x100 meter wisselslag (estafette)

Vermaarde rugslagzwemmers[bewerken]

Zie ook[bewerken]