Self-serving bias

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Self-serving bias is een term uit de sociale psychologie die deel uitmaakt van de attributietheorie. Deze vorm van bevooroordeling houdt in dat mensen succes aan hun eigen capaciteiten of talenten toeschrijven (interne attributie), terwijl ze hun falen meer toeschrijven aan de omstandigheden of fouten van anderen (externe attributie). Als iemand bijvoorbeeld een goed resultaat haalt voor een test, zal hij dit verklaren door zijn intelligentie of vermogen om te studeren. Is het resultaat van de test daarentegen negatief, zal de persoon dit wijten aan slechte vraagstelling, storende of afleidende factoren etc.

Het attributie-effect is ook te zien als een onderzoeker een groep mensen vraagt hun capaciteiten voor het verrichten voor een bepaalde taak (bijvoorbeeld autorijden) in te schatten ten opzichte van de andere groepsleden. Vaak geeft een meerderheid aan over 'bovengemiddelde' capaciteiten te beschikken. (Statistisch is dit natuurlijk onmogelijk).

Bij hulpverleners komt het voor dat ze de verantwoordelijkheid voor genezing accepteren en toeschrijven aan hun therapie, interventie of geneeskunde. Iedereen vindt zichzelf effectief en belangrijk hierin. Als het misgaat met een behandeling, wordt dit ook hier vaak geweten aan omstandigheden die buiten de mogelijkheden van de behandelaar liggen en vaak wordt de verantwoordelijkheid afgewezen.

Sommige mensen maken (doorgaans onbewust) gebruik van externe attributie door van tevoren de situatie zo in te kleden dat deze later als excuus kan worden gebruikt. Een voorbeeld is een leerling die te weinig tijd aan zijn schoolwerk besteedt. Als hij toch een voldoende voor een test haalt, zal hij dit bevooroordeeld toeschrijven aan zijn intelligentie; als hij een onvoldoende haalt, wijst hij op het gebrek aan voorbereiding, zodat het niet aan zijn intelligentie kan liggen.

Zie ook[bewerken]