Slagtand

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een slagtand is een extreem lange tand van bepaalde zoogdieren, die naar buiten steekt wanneer de mond gesloten is. Tot de zoogdieren met slagtanden behoren onder meer olifanten, zwijnen, walrussen, narwals en verscheidene primitieve herten als de muskusherten, de Chinese waterree en de muntjaks. Bij veel soorten hebben enkel de mannetjes slagtanden, of zijn de slagtanden van een mannetje groter dan die van het vrouwtje.

Savanneolifanten hebben de grootste slagtanden, een slagtand van een volwassen bul kan wel zestig kilogram wegen. De twee slagtanden van een olifant zijn verlengde bovenste snijtanden. Bij andere dieren (walrussen, zwijnen, herten) zijn het de bovenste hoektanden, bij enkele uitgestorven slurfdieren (nauwe verwanten van de olifanten) als Deinotherium waren het juist de onderste snijtanden die uitgroeiden tot slagtanden.

Dieren gebruiken slagtanden voor verscheidene doeleinden. Bij olifanten dient hij om wortels op te graven en schors van bomen te halen, als wapens en bij sociaal contact als manier om indruk te maken. Muntjaks gebruiken ze voornamelijk als wapen bij het verdedigen van een territorium.

Bij de walrus hebben zowel de mannetjes als de vrouwtjes slagtanden. De grootte en vorm van de slagtanden geven de fysieke conditie, het geslacht en de leeftijd van een walrus aan. De slagtanden worden dus voornamelijk gebruikt om de dominantie te bepalen: de grootste walrussen hebben de grootste slagtanden en zijn dominant. Verder dienen de slagtanden als steekwapen bij gevechten tussen dieren met even grote tanden, als hoofdsteun bij het rusten, en kunnen ze er ademgaten mee in het ijs slaan en zich mee voortslepen over het ijs.

De narwal, een soort walvis, heeft slechts twee tanden, waarvan de linker bij de mannelijke narwals uitgroeit tot een lange, spiraalvormige slagtand. De enkele slagtand van de narwal dient waarschijnlijk als tastzintuig. Deze slagtand kan wel drie meter lang worden. Één procent van alle mannetjes heeft twee slagtanden, en net zoveel vrouwtjes hebben er één.

Slagtanden worden voornamelijk door mensen gebruikt als producent van ivoor. De jacht op ivoor zorgde er echter voor dat bepaalde diersoorten, voornamelijk de Afrikaanse olifanten, in aantallen schrikbarend achteruit gingen. Ivoorhandel is dan ook aan banden gelegd door CITES.