Syndroom van Wolff-Parkinson-White

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Esculaap     Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.
Syndroom van Wolff-Parkinson-White
Het syndroom van Wolff-Parkinson-White is een aandoening waarbij de ventrikels (donkerblauw) te snel geprikkeld worden.
Het syndroom van Wolff-Parkinson-White is een aandoening waarbij de ventrikels (donkerblauw) te snel geprikkeld worden.
ICD-10 I45.6
ICD-9 426.7
OMIM 194200
DiseasesDB 14186
eMedicine emerg/644med/2417
MeSH C14.280.067.780.977
Portaal  Portaalicoon   Geneeskunde

Het syndroom van Wolff-Parkinson-White (ook wel WPW-syndroom) is een aangeboren afwijking, die 1,3 per 1000 mensen treft,[1] waarbij de elektrische prikkels versneld de kamers kunnen bereiken, met aanvallen van een veel te snelle hartslag (tachycardie) als gevolg.

Pathologie[bewerken]

Bij het syndroom van Wolff-Parkinson-White is er een tweede verbinding tussen de boezems en de hartkamers. Normaal zijn de twee boezems en kamers elektrisch van elkaar gescheiden door bindweefsel op één geleidingssyssteem na. De extra verbinding bij het Wolff-Parkinson-Whitesyndroom, de "bundel van Kent" is verantwoordelijk voor een abnormale prikkelgeleiding in het hart.

Prikkelgeleiding in het hart[bewerken]

In de rechter hartboezem, waar de gangmaker zich bevindt, ontstaat ongeveer eenmaal per seconde spontaan een elektrische prikkel die de beide boezems doet samentrekken. Tussen de boezems en de kamers wordt de elektrische prikkel vertraagd in de AV-knoop. Via de bundel van His wordt de elektrische impuls naar het myocard van de ventrikels gebracht, zodat de beide kamers gecoördineerd samentrekken.

Geleiding bij WPW-syndroom[bewerken]

In het geval van het WPW-syndroom loopt er een tweede, abnormale, geleidingsbundel, de bundel van Kent, van de boezems naar de kamers. Hierdoor zijn er twee "wegen" waarover de prikkel naar de kamer komt. Omdat de geleiding in de AV-knoop vertraagd is en in de bundel van Kent (de extra route) niet, zal een signaal dat via de bundel van Kent verloopt, sneller in de kamers zijn. De patiënt merkt hier weinig van. Er kan echter aanvalsgewijze een re-entry-fenomeen optreden. Doordat de prikkel eenmaal vertraagd en eenmaal niet vertraagd binnenkomt, kan het hart tweemaal geprikkeld worden, met een ongezond snelle hartslag als gevolg.

Onderzoek[bewerken]

Op het elektrocardiogram (ECG) is een karakteristieke afwijking te zien, die de delta-golf (zie foto) wordt genoemd. Deze golf ontstaat doordat de elektrische prikkel niet op de gebruikelijke manier in de hartspier arriveert. Soms is deze afwijking echter wisselend aanwezig.

Delta-golf is aangegeven met de pijl

Behandeling[bewerken]

Het syndroom kan meestal succesvol behandeld worden met een zogeheten ablatie. Hierbij wordt een dunne draad in het hart ingebracht, waarbij de uiteinden een hoge dosis radiogolven (straling) uitzenden. Het gevolg van deze straling is dat de hartcellen die hiermee in aanraking komen, kapot gaan en hierdoor niet meer werken. Deze kapotte cellen kunnen dan geen elektrisch signaal meer doorgeven, waarmee de extra verbinding ongedaan wordt gemaakt.

Deze behandeling is meestal zonder gevaar en heeft vaak een positief resultaat, waarmee het syndroom verholpen wordt.

Noten[bewerken]

  1. [1]

Externe links[bewerken]