Urnenveldencultuur

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Typische wapens uit de urnenveldencultuur

De urnenveldencultuur is een benaming voor de late bronstijd van Midden-Europa, die duurde van ca. 1300 tot 950-920 v.Chr. en heeft betrekking op de relatief chronologische lagen Bz D t/m Ha B1. De urnenveldencultuur, gekenmerkt door bijzettingen van urnen op een urnenveld, volgde de grafheuvelcultuur op en werd opgevolgd door de eerste ijzertijdcultuur, namelijk de Hallstatt-cultuur.

De naam is afgeleid van het gebruik de doden te cremeren en de as in een urn te doen die dan begraven werd in een urnenveld. Er is geen sprake van etnische eenheid, men moet echter aannemen dat de veranderde begrafenisgewoonte het gevolg was van nieuwe religieuze voorstellingen.

De Urnenvelden[bewerken]

Het begrip wordt gebruikt voor begraafplaatsen uit de late bronstijd tot de vroege en de midden-ijzertijd in Europa. De terreinen konden enkele hectaren groot zijn. Ze kunnen gedurende meerdere eeuwen in gebruik zijn geweest.

Urnfield burial.png

In deze periode werden overledenen gecremeerd. De as werd opgeslagen in urnen gemaakt van aardewerk uit rivierklei; ook werd de as wel in zakjes begraven of los uitgestrooid. De urnen werden begraven in een afgeperkt gebied. Elke urn werd individueel gemarkeerd door er een laag heuveltje op aan te brengen. Ook groef men er vaak een kringgreppel omheen (ook wel kringsloot genoemd, een soort grachtje) dat in grondsporen nog vaak goed te herkennen is. Het kwam ook voor dat urnen in een kuil terechtkwamen of, achteraf, in een oude grafheuvel werden bijgezet. Op urnenvelden vindt men vaak ook niet-gecremeerde doden. De betekenis hiervan is echter alles behalve duidelijk.

In de Nederlanden zijn tientallen urnenvelden gevonden, vooral in het gebied van de Kempen.

In de 19e en 20e eeuw zijn vooral door de ontginning van heidevelden vele urnenvelden verdwenen door afgraving. Een redelijk bewaard gebleven urnenveld is dat op de Boshoverheide bij Weert. Oorzaak van het behoud is de arme grond aldaar, waardoor niemand er iets mee gedaan heeft. Verder zijn in Vaassen en bij de grafheuvels in Veldhoven nog (resten van) urnenvelden zichtbaar.

Voor een leek is er behalve de grafheuveltjes niet veel te zien aan een urnenveld. De daar gevonden voorwerpen zijn meestal in musea te vinden.

Bronnen, noten en/of referenties
  • Herman Clerinx (2005): Kelten en de Lage Landen, Davidsfonds, Leuven, pp. 95, 96, 136, 137, ISBN 90-5826-324-X