X1 (computer)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De X1 was een Nederlandse computer, ontworpen en geproduceerd door Electrologica onder leiding van Carel Scholten en Bram Loopstra.

Tussen 1958 en 1964 werden ongeveer 40 exemplaren verkocht aan voornamelijk Nederlandse en Duitse universiteiten, onderzoeksinstellingen, verzekeringsbedrijven en industriële ondernemingen. De opvolger van de X1 was de X8.

Detail van een 1Kb RAM module van de X1 computer van de Rijksuniversiteit Utrecht

De X1 gebruikte transistoren en had een geheugen van ferrietkernen. Het geheugen was maximaal 32.768 woorden van elk 27 bits groot. Een deel daarvan was dood geheugen (ROM). De meeste instructies vergden een rekentijd van 64 microseconde.

De randapparatuur bestond uit in- en uitvoerapparaten voor ponskaarten en ponsband, regeldrukkers en schrijfmachines.

Bijzonder voor die tijd was dat programma's konden worden onderbroken door een ingreep (interrupt), waardoor de in- en uitvoer schijnbaar gelijktijdig met het rekenwerk plaats konden vinden. De programmeur moest hier echter wel rekening mee houden. De meeste programma's werden geschreven in machinetaal. Voor wetenschappelijk rekenwerk was een door Edsger Dijkstra en Jaap Zonneveld ontwikkelde ALGOL 60-compiler beschikbaar.

In zijn tijd was de X1 een van de beste ter wereld, mede dankzij het elegante ontwerp en de snelheid. De X1 was daardoor een geduchte concurrent van de systemen van IBM die op dat moment aan een forse opmars bezig waren. Toch was het vaak IBM dat (ook in Nederland) haar systemen aan bedrijven wist te verkopen, ten koste van de X1. Reden hiervoor was de goede naam die IBM had binnen het bedrijfsleven en de uitgebreide marketingactiviteiten.

Trivia[bewerken]

  • De naam X1 was oorspronkelijk slechts een werknaam, bij gebrek aan een betere naam. De naam raakte echter snel ingeburgerd, zodat dit de officiële naam zou worden.

Externe link[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • E.W. Dijkstra, Communication with an automatic computer, Proefschrift Amsterdam, 1959