Zelfkastijding

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Middeleeuwse tekening van zelfkastijding

Zelfkastijding is het zichzelf pijn doen, komt vaak voor uit religieuze overtuiging.

De Rooms-Katholieke Kerk kent onder andere de Cilice; dit is een van band van metalen ringen, voorzien van haakjes die naar binnen gekeerd zijn. Deze band wordt om het bovenbeen gedaan en veroorzaakt pijn. Deze pijn is een soort boetedoening voor de kruisiging van Jezus. De volgers van Opus Dei gebruiken de gesel ook om zichzelf op de rug te kastijden. Ook dit weer om het lijden van Jezus te symboliseren en zelf te ondergaan als een soort boetedoening.

In sommige landen (vaak de Latijns-Amerikaanse) komt het voor, dat men de kruisloop naar de berg Golgotha naloopt met een kruis en een doornenkroon op het hoofd. Hierbij vloeit ook echt bloed. Sommigen gaan zelfs zover, zich daadwerkelijk te laten kruisigen. Zonder dat dit de dood tot gevolg heeft overigens. Meelopers in deze tocht, kastijden zichzelf vaak tot bloedens toe met gesels (zie flagellant).

Harakiri is een extreme en dodelijke vorm van zelfkastijding. Japanners doen dit om de eer van de familie te redden door zich van het leven te benemen, bijvoorbeeld na een zwaar misdrijf. Men doet dit door zich, gehurkt, voorover in de punt van een vlijmscherp zwaard te vallen, of door zichzelf, staand, een steek met een scherpe dolk toe te brengen in de maagstreek en daarna deze dolk omhoog te trekken. De dood is het gevolg.

Er zijn mensen die zichzelf beschadigen zonder dat dat met hun geloof te maken heeft. Dit heeft vaak te maken met psychische problematiek. Door zichzelf pijn te doen, proberen deze mensen meer grip te krijgen op hun gevoel (zie ook automutilatie).

[bewerken] Zie ook

 
Persoonlijke instellingen
Boek maken