Adriana Bouwman

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Adriana Bouwman (vermoedelijk Nieuwerkerk aan den IJssel, circa 1793/4 - Den Haag, 1 mei 1813), ook wel Andriana Bouwman genoemd, was een Nederlandse dienstmeid die wegens brandstichting en diefstal tijdens de Franse bezetting van Nederland ter dood veroordeeld werd. Zij is een van de weinige Nederlanders die door middel van de guillotine terecht werden gesteld: voor zover bekend is zij in Den Haag de tweede en laatste persoon die op deze manier ter dood gebracht werd.[1] Haar zaak kreeg dan ook enige aandacht.

Over het leven van Adriana Bouwman is vrij weinig bekend. Ze werkte als dienstmeid bij een boerderij in Nieuwerkerk aan den IJssel. Ze werd gearresteerd nadat zij op die boerderij had gestolen en vervolgens de boerderij in brand had gestoken. Adriana Bouwman werd door het Hof van assisen van het departement Monden van de Maas ter dood veroordeeld.[2] Ze ging in beroep bij het Hof van Cassatie in Parijs, maar dit werd begin april verworpen. Adriana Bouwman vroeg geen gratie aan bij de Keizer. Op 1 mei 1813, twaalf uur 's middags, werd zij op 19-jarige leeftijd in Den Haag onthoofd.