Albert Lilar
| Albert Lilar | ||||
|---|---|---|---|---|
| Volledige naam | Albert Jean Julien François Lilar | |||
| Geboren | Antwerpen, 21 december 1900 | |||
| Overleden | 16 maart 1976 | |||
| Kieskring | ||||
| Regio | ||||
| Land | ||||
| Partij | Liberale Partij | |||
| Functies | ||||
| 1946 - 1949 | Provinciaal senator | |||
| 1946 - 1947 | Minister van Justitie | |||
| 1949 - 1971 | Senator | |||
| 1949 - 1950 | Minister van Justitie | |||
| 1954 - 1958 | Minister van Justitie | |||
| 1958 - 1960 | Vicepremier en minister van Algemeen Bestuur en Administratieve Hervormingen | |||
| 1960 - 1961 | Minister van Justitie | |||
| ||||
Baron Albert Jean Julien François Lilar (Antwerpen, 21 december 1900 - aldaar, 16 maart 1976) was een Belgisch liberaal politicus, waaronder minister. Hij was een Franssprekende Vlaming.[1]
Biograife
[bewerken | brontekst bewerken]Albert Lilar promoveerde tot doctor in de rechten (1922) aan de Université libre de Bruxelles. Hij was ook licentiaat in het zeerecht. Beroepshalve werd hij advocaat in Antwerpen. Hij was er tevens stafhouder. In 1945 werd hij hoogleraar aan de Brusselse universiteit. Ook werd hij voorzitter van de Belgische Vereniging voor Zeerecht en van 1947 tot 1976 was hij voorzitter van het Internationaal Maritiem Comité. Daarnaast behartigde hij de politieke en juridische belangen van de diamantbeurzen.[2]
Hij trouwde in 1929 met Suzanne Verbist (1901-1992), die naam maakte als de schrijfster Suzanne Lilar. Hun dochter Françoise Lilar (1930-2016) werd eveneens een gerenommeerd auteur onder de naam Françoise Mallet-Joris. Een andere dochter, Marie Fredericq-Lilar (1934), was een kunsthistorica van de 18e eeuw.
Lilar was een liberaal senator. Hij was provinciaal senator van 1946 tot 1949 en senator voor het arrondissement Antwerpen van 1949 tot 1971.
Hij was herhaaldelijk minister van Justitie (1946-1947, 1949-1950, 1954-1958 en 1960-1961), alsook vicepremier en minister van Algemeen Bestuur en Administratieve Hervormingen (1958-1960). In de repressieperiode was hij, als minister van Justitie, voorstander voor een redelijke aanpak. Zo werden onder zijn ministerschap geen doodstraffen uitgevoerd en werd in november 1946 binnen het ministerie een dienst Wederopvoeding, Reclassering en Voogdij (DWRV) opgericht, die de resocialisering van de collaborateurs beoogde, onder meer door het cultureel leven te stimuleren in de interneringskampen.
In 1969 werd Albert Lilar benoemd tot minister van Staat. Hij werd in 1976 in de adelstand opgenomen, met de persoonlijke titel van baron. Hij overleed voor dit kon worden bevestigd, maar het werd niettemin in 1977 postuum geregulariseerd.
Literatuur
[bewerken | brontekst bewerken]- Raoul TACK, 'M. A. Lilar, Ministre de la Justice', in Le Face à Main, 2 november 1946.
- Paul VAN MOLLE, Het Belgisch parlement 1894-1972, Antwerpen, Standaard, 1972.
- Piet SCHEPENS, Antwerpse gedenkplaten, Antwerpen, De Vlijt, 1982.
- Ann SMITS, Typologisch onderzoek van de Antwerpse gemeenteraadsleden, 1947-1982, Rijksuniversiteit Gent, onuitgegeven licentiaatsverhandeling, 1984.
- Helmut GAUS (red.), Politiek Biografisch Lexicon. Belgische ministers en staatssecretarissen 1960-1980, Antwerpen, Standaard, 1989.
- Oscar COOMANS DE BRACHÈNE, État présent de la noblesse belge, Annuaire 1993, Brussel, 1993.
- Jacques VAN OFFELEN, Albert Lilar, in Nouvelle Biographie Nationale, vol. 5, Brussel, Académie royale des sciences, des lettres et des beaux-arts, 1999.
- Gustaaf BAETEMAN, 'Albert Lilar', in Nationaal Biografisch Woordenboek, vol. 17, Brussel, Koninklijke Vlaamse Academiën van België, 2005.
Externe links
[bewerken | brontekst bewerken]- Fiche gewijd aan het archief van Albert Lilar, ODIS
- Inventaris van het archief Albert Lilar op de website van Liberas
- The Round Table - Congo
- ↑ "de Franssprekende Vlamingen Kronacker en Lilar" volgens Gaston Eyskens, De Memoires, p. 205
- ↑ Eric LAUREYS, Meesters van het diamant. De Belgische diamantsector tijdens het nazibewind, Tielt, Lannoo, 2005, 255.
| Voorganger: Adolphe Van Glabbeke |
Minister van Justitie 1946-1947 |
Opvolger: Paul Struye |
| Voorganger: Henri Moreau de Melen |
Minister van Justitie 1949-1950 |
Opvolger: Henri Carton de Wiart |
| Voorganger: Charles du Bus de Warnaffe |
Minister van Justitie 1954-1958 |
Opvolger: Pierre Harmel |
| Voorganger: Laurent Merchiers |
Minister van Justitie 1960-1961 |
Opvolger: Piet Vermeylen |