Bemalen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Bemalen van een bouwput. Rechts in beeld de verplaatsbare pompen

Bemalen is het actief beheersen van het peil van het oppervlakte- of grondwater. Tegenwoordig gebruikt men daarvoor pompen of een gemaal, in het verleden molens. Door het bemalen kan de omliggende grond gaan zetten (klink).

Bemalen is nodig om het waterpeil in een polder te reguleren. Ook bij een tijdelijke bouwput is bemaling nodig om te voorkomen dat de bouwput volstroomt, dit wordt bronbemaling (of in België droogzuiging genoemd). Bemaling zorgt dan voor een tijdelijke verlaging van de grondwaterstand totdat de funderingen en ingegraven constructies zijn aangebracht. Bij het bemalen van een bouwput worden (tot onder het freatisch vlak) geperforeerde buizen verticaal in de grond gestoken. Deze buizen worden bovengronds met een leiding verbonden. Pompen zuigen het water vervolgens af. Bemaling voor bouwwerven heeft een impact op het grondwaterpeil en kan leiden tot droogte in de wijdere omgeving (vooral in het geval van zandgrond). Om die reden is (in Vlaanderen) voor het plaatsen van bronbemaling een omgevingsvergunning vereist. Om de impact van de bemaling te beperken, mag het grondwater niet in de riolering geloosd worden, maar lokaal terug infiltreren. Ook kan met retourbemaling gewerkt worden.

Bij bodemsanering wordt soms ook bemaling (grondwateronttrekking) toegepast. Dit gebeurt met name bij een grondwatersanering, maar ook wel bij een grondsanering om een ontgraving mogelijk te maken. Het grondwater wordt bij een sterke (ernstige) verontreiniging vaak eerst gereinigd alvorens het (bijvoorbeeld op een riool) wordt geloosd.