Brugse stadspoorten

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De stadspoorten van Brugge werden gebouwd in drie fasen: de eerste maal tijdens de eerste helft van de 9e eeuw, bij de versterking van de huidige Burg, de tweede maal in 1127-1128, tijdens de aanleg van de eerste stadsomwalling rond Brugge (met onder andere de huidige binnenreien), en de derde maal in 1297, bij de aanleg van de tweede en grotere omwalling rond de stad.

Omwalling Burg[bewerken]

Eerste stadsomwalling[bewerken]

Situering van de stadspoorten aan de eerste omwalling (de huidige binnenreien) en de poorten aan de tweede omwalling.

In teksten uit de 13e eeuw worden deze poorten vernoemd zonder vermelding van details. Er zijn evenmin afbeeldingen van deze gebouwen.

Tweede stadsomwalling[bewerken]

  1. Ezelpoort, aan het einde van de Ezelstraat: verbinding met de Kust en de Polderstreek;
  2. Smedenpoort, aan het einde van de Smedenstraat: verbinding met Gistel, Oudenburg;
  3. Boeveriepoort, aan het einde van de Boeveriestraat: verbinding met Diksmuide, Ieper, Rijsel;
  4. Katelijnepoort, aan het einde van de Katelijnestraat: verbinding met Kortrijk;
  5. Gentpoort, aan het einde van de Gentpoortstraat: verbinding met Gent;
  6. Kruispoort, aan het einde van de Langestraat: verbinding met Aardenburg en vermoedelijk ook Antwerpen;
  7. Dampoort, aan het einde van de Langerei en Potterierei: verbinding met Damme en Sluis; → aanvankelijk 3 poorten:
  • Sint-Nikolaaspoort: verbinding met Koolkerke;
  • Sint-Leonarduspoort: verbinding met Dudzele;
  • Spejepoort: verbinding met Damme.

De Dampoort, de Boeveriepoort en de Katelijnepoort zijn verdwenen; resten nu dus nog enkel de Smedenpoort, de Ezelpoort, de Gentpoort en de Kruispoort.

Zie ook[bewerken]