Catacomben van Sint-Sebastiaan

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De Catacomben van Sint-Sebastiaan
Nissen met grafkisten

De Catacomben van Sint-Sebastiaan is een vroegchristelijke onderaardse begraafplaats aan de Via Appia buiten de stadsmuur van Rome.

De necropool is vernoemd naar de heilige Sint-Sebastiaan die tijdens de christenvervolging rond 300 n.Chr. onder keizer Diocletianus de marteldood stierf en hier later begraven werd.

De catacomben zijn echter ouder. Ze zijn ontstaan toen enkele heidense hypogea, enkelvoudige uitgehakte graven, via ondergrondse gangen met elkaar verbonden werden. Vanaf de 2e eeuw groeide dit alles uit tot een enorm gangenstelsel dat zich op vier niveaus uitstrekt. In de nissen lagen de graven van duizenden overleden Christenen. Toen het Christendom in de vierde eeuw meer en meer geaccepteerd werd en aan het eind van dezelfde eeuw zelfs staatsgodsdienst was, zijn de stoffelijke resten, bij wijze van een daad van respect, herbegraven in de kerken in en om Rome. Op dit moment liggen er geen stoffelijke resten meer in de Catacomben.

Volgens de legende zou zich hier ook een tijdelijke rustplaats voor de stoffelijke resten van Petrus en Paulus hebben bevonden, tijdens het bewind van de Romeinse keizer Valerianus. Ten tijde van keizer Constantijn de Grote werd boven de catacomben een basiliek gebouwd ter ere van deze apostelen, de Basilica Apostolorum. Later werd deze ook naar de martelaar Sebastiaan genoemd, de Basilica di San Sebastiano. In een niet voor het publiek toegankelijke crypte onder de kerk ligt deze heilige ook begraven.

In tegenstelling tot de andere catacomben van Rome, zijn de Catacomben van Sint-Sebastiaan nooit in de vergetelheid geraakt. Omdat deze door de eeuwen heen continu bezocht konden worden, zijn de archeologische vondsten en de kwaliteit van de wandschilderingen van mindere kwaliteit dan bij de andere catacomben aan de Via Appia.

Zie ook[bewerken]

Referentie[bewerken]