De Intocht van Christus te Brussel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Christ's Entry Into Brussels in 1889
James Ensor voor zijn werk "De Intocht van Christus te Brussel" (gefotografeerd door Albert Lilar)
James Ensor voor zijn werk
"De Intocht van Christus te Brussel"
(gefotografeerd door Albert Lilar)
Museum J. Paul Getty Museum
Verblijfplaats Los Angeles
Kunstenaar James Ensor
Jaar 1888
Type olieverfschilderij
Afmetingen 258 cm × 431 cm cm
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

De Intocht van Christus te Brussel is een impressionistisch schilderij van James Ensor uit 1888. Dit werk is het meest spectaculaire dat hij gemaakt heeft: het is een monumentaal werk van 2,58 meter hoog en 4,31 meter lang. Om het werk te maken, moest Ensor het gedeelte van het doek dat hij zou beschilderen aan de muur spijkeren terwijl de rest op de grond bleef liggen.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog raakte het schilderij licht beschadigd door granaatscherven. Daarna heeft het op verschillende plaatsen gehangen. Onder andere in Venetië (1950), in het Casino van Knokke (1971), Chicago, New York (1976) en Zürich (1983). Ook heeft het Museum voor Schone Kunsten Oostende het doek even tentoongesteld (1977-1978) wanneer het het in bruikleen kreeg van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen. Het J. Paul Getty Museum in Los Angeles kocht in 1987 De Intocht van Christus te Brussel aan en restaureerde het.

Bespreking[bewerken]

In het midden van het schilderij, verdoken tussen de menigte, zit Christus op een ezel. Sommigen menen dat Christus de gelaatstrekken van Ensor vertoont. Hij wordt begeleid door een fanfare en een juichende menigte. Vooraan staan gemaskerde personages waarmee Ensor de spot drijft: verwaande rechters, zelfvoldane burgerij, vissersvrouwen, dokter met tovenaarshoed, een stel muzikanten, een bespottelijk verliefd koppeltje en een pompeuze bisschop die tamboer-majoor speelt. Rechts staan de burgemeester en zijn schepenen in clownkostuum. Ook de opkomst van de socialistische partij wordt weergegeven door een vaandel met de tekst “Vive la Sociale”. Ensor klaagt de maatschappij aan en zet de bevolking voor gek.

Het schilderij was een aanval op de eigentijdse schoonheidsconventies. Ensor gebruikte dikke lagen pigment om de minieme mensen die in groten getale naar voren komen, neer te zetten. Ook de maskers en veelvoud van kleuren vormen een complete tegenstelling met het gebruik van grote vlakke ruimtes door zijn generatie schilders. Naast het veelvoudig kleurgebruik, doet Ensor ook beroep op technieken als verwarring in de compositie en volgt hij het perspectief vanuit één punt niet. Het werk is heel gedetailleerd, waardoor een afbeelding het schilderij nooit volledig tot zijn recht kan laten komen.

James Ensor en Jan Verhas[bewerken]

Het schilderij De optocht van de scholen in 1878 van Jan Verhas werd in de 20e eeuw gezien als een bourgeois icoon. James Ensor verzette zich tegen dit soort kunst met het hier besproken schilderij.