De Vlijt (Meppel)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De Vlijt
De Vlijt in feesttooi (juli 2005)
De Vlijt in feesttooi (juli 2005)
Basisgegevens
Plaats Meppel
Bouwjaar 1859/2002
Type stellingmolen
Kenmerken achtkante bovenkruier
Vlucht 21,80 m
Functie voorheen korenmolen
Bestemming  Voorheen het malen van graan
Externe link(s) en afbeelding
Molendatabase
De Hollandsche Molen
De Vlijt (januari 2009)
De Vlijt (januari 2009)
Portaal  Portaalicoon   Molens

De molen De Vlijt staat aan de Sluisgracht in Meppel en is sinds 2002 herbouwd op een onderbouw uit 1859 en heeft een vlucht van 21,80 meter.

Het is een achtkantige houten stellingmolen op een stenen onderbouw, met de functie van korenmolen. De kap was gedekt met schaliën, hetgeen is vervangen met hout met daarovereen EPDM.

Hij heeft grote landschappelijke waarde en heeft de status gemeentelijk monument. De molen is niet in gebruik, dit in tegenstelling tot de -eveneens in Meppel staande- molen De Weert. De molen is echter wel draaivaardig. Verder is er een maalstoel aanwezig. Tegenwoordig huist er in de stenen onderbouw van de molen een reclamebureau.

Het gevlucht is oudhollands opgehekt. De 21,80 m lange, stalen roeden zijn in 2001 gemaakt door de firma Derckx. De binnenroede heeft nummer 942 en de buitenroede nummer 943.

De molen heeft een gietijzeren bovenas, die gegoten is in 2001 door de firma Hardinxveld en een bovenwiel echter nog zonder kammen. Het nummer van de bovenas is 92.

De molen wordt gevangen, geremd, met een stalen hoepelvang.

De molen heeft voor het kruien een engels kruiwerk.

De oorspronkelijke functie van deze molen was mosterdmolen. De molenstichting heeft zich ten doel gesteld deze molen te herstellen en weer als mosterdmolen in gebruik te nemen.[1]

Trivia[bewerken]

  • De molenmaker van de renovatie is de Fa. Groot Roessink uit Voorst.
  • De eigenaar van de molen is de "Stichting Stadskorenmolen De Vlijt".
  • De huidige molenaar is de heer A. Pierik.

Zie ook[bewerken]

Referenties[bewerken]

  1. Meppeler Courant, 24 september 2014