Distaal (geologie)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Distaal is een term binnen de geologie die de relatieve positie van afzetting aangeeft. Distaal betekent dan 'op enige afstand'. Het tegenovergestelde van distaal is proximaal, wat 'nabij' betekent. Het zijn relatieve begrippen die in verschillende context gebruikt worden.

In de subdiscipline sedimentologie, worden de termen veel gebruikt waar het gaat om het uitsorteren van sediment door stromend water (ten gevolge van stroomsnelheidsveranderingen en abrasie van sediment). Maar ook in andere subdisciplines worden de termen gebruikt (Mineralogie: metamorfose 'dichtbij' en 'veraf' van een kraterpijp of batholiet).

Distaal afgezette sedimenten zijn veelal fijner dan proximaal afgezet sediment. Het aandeel organisch materiaal (denk aan veen, steenkool) neemt doorgaans toe naarmate het afzettingsmilieu distaler wordt. Ook zijn er verschillen in mineralogische samenstelling (vuilheid) tussen proximaal en distale afzettingsproducten.

Gebruiksvoorbeelden[bewerken]

Sedimentologie

  • Langs de loop van een grote rivier van een gebergte (het brongebied of achterland voor sedimenten) tot aan haar monding. Hoe riviergeul en rivierdal eruitzien, en welke afzettingen zij produceert, verschilt langs de rivier. De afzettingsmilieus kunnen gerangschikt worden van proximaal ("dicht bij het achterland") tot distaal ("ver van het achterland verwijderd").
  • Dwars op de loop van een riviergeul vindt bij overstroming ook uitsortering plaats. Langs meanderende rivieren in rivierdalen en delta's zorgt dit proximaal voor de vorming van oeverwallen als een mix van zand, silt en klei, en distaal voor het bezinken van klei en de vorming van veen.