Elektrovisserij

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Visserijonderzoek op het visbestand van een beek met draagbare elektrovisapparatuur

Elektrovisserij is visvangtechniek waarbij een elektrische stroom door het water wordt gevoerd. Vissen raken daardoor gedesoriënteerd en zwemmen zo in een gedwongen zwembeweging (galvanotaxis) naar de anode. Ze kunnen zo gemakkelijk worden verzameld met een schepnet. Omdat onoordeelkundig gebruik van elektrovisapparatuur voor vissen en mensen grote risico's met zich meebrengt, is elektrovisserij aan regels gebonden.

Ontstaan en voornaamste gebruik[bewerken]

Dat men elektrische stroom kan gebruiken om te vissen werd al in 1910 ontdekt toen in Duitsland per ongeluk een (110 Volt ) elektriciteitsleiding brak en in het water terechtkwam. De ontwikkeling van praktisch bruikbare apparatuur kwam pas na 1948 goed op gang.

Elektrovisserij is een alternatief wanneer niet of niet effectief met netten kan worden gevist. De vorm van visserij leent zich uitstekend voor het bevissen van kleine wateren met veel waterplanten/ obstakels, paaigronden of habitat die niet mogen worden verstoord. Elektrovisserij wordt overal ter wereld toegepast. In Nederland vooral door de beroepsvisserij, in het kader van de Kaderrichtlijn Water (KRW), aquatisch ecologisch onderzoek, visserijonderzoek, ecologische begeleiding en visstandbeheer.

De uitrusting (Nederland)[bewerken]

Het principe is eenvoudig. Tussen een anode en kathode wordt een elektrisch stroomveld in het water opgewekt. Dit veld beïnvloedt het centrale zenuwstelsel van vissen waardoor hun natuurlijke reactie verandert. In plaats van vluchten zwemmen zij willoos tot op de anode.

Wanneer vissen verkrampt of bewusteloos raken is het elektrische stroomveld te sterk. Het is dus de kunst om de stroomsterkte zo af te regelen dat zij slechts worden gedirigeerd en in een goede conditie op de anode komen. De vissen dienen, zelfs na determinatie, weging en meting, geen enkele schade op te hebben gelopen en weer vlot weg te kunnen zwemmen na vrijlating.

Grofweg zijn er twee methoden:

  • Vanuit een boot, waarbij een stroomaggregaat of - in zeldzame gevallen - een accubatterij de benodigde energie levert. Een controlbox zet deze om in een geschikte elektrische visstroom. De elektroden , de anode en kathode, worden met stroomdraden elektrisch verbonden met de controlbox. De anode bestaat meestal uit een schepnet met een metalen beugel en niet-geleidende steel. Deze schepnetanode wordt door een visser gehanteerd. De anode kan ook bestaan uit een rij vertikaal in het water hangende rvs-draden, voor de boeg van de boot. De visser kan dan met een gewoon schepnet de vissen verzamelen. De kathode bestaat uit een stuk metaal dat veelal achter aan de boot in het water wordt gehangen.
  • Wadend of lopend met een draagbaar apparaat. De energie wordt geleverd door een accu. Een controlbox zet deze energie om in bruikbare - zeer specifieke - visstroom. Het anodeschepnet heeft een corrosievaste metalen (rvs) beugel en is relatief licht uitgevoerd. De kathode bestaat uit koperlitze dat de visser door het water meesleept.

Ontheffing en vergunning (Nederland)[bewerken]

Voor het hanteren van beroepsvistuigen, waaronder elektrovisapparatuur, zijn een ontheffing van het ministerie (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, RVO) en een vergunning van de hoofdvisrechthebbende van het betreffende water noodzakelijk.

Hoewel de visser anno 2015 niet meer in het bezit hoeft te zijn van een elektroviscertificaat en verklaring betreffende de deugdelijkheid van het elektrovisapparaat blijft hij/ zij verantwoordelijk voor een zo veilig mogelijk gebruik en periodiek onderhoud van de elektrovisserijuitrusting.

Pulskor en elektrokuil[bewerken]

Bij de pulskorvisserij op zee wordt gebruik gemaakt van elektrische stroompulsen. De elektrokuil voor de (zoete) Nederlandse binnenwateren berust op eenzelfde principe maar wijkt wat betreft de toe te passen stroomsoort en haar constructie sterk af van de pulskor.

Zowel de pulskor- als de elektrokuilvisserij zijn duurzame vormen van visserij omdat bodemstructuren en bodemleven nauwelijks worden verstoord. Bovendien wordt veel brandstof bij het voorttrekken van het net bespaard. De elektrokuil wordt uitsluitend ingezet ten behoeve van visserijonderzoek.