George Willem van Brandenburg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
George Willem
1595-1640
Georg Wilhelm.jpg
Keurvorst van Brandenburg
Hertog van Pruisen
Periode 1619-1640
Voorganger Johan Sigismund
Opvolger Frederik Willem
Vader Johan Sigismund van Brandenburg
Moeder Anna van Pruisen (1576-1625)
Dynastie Hohenzollern

George Willem (Cölln, 3 november 1595 - Koningsbergen, 1 december 1640) was de oudste zoon van keurvorst Johan Sigismund van Brandenburg en Anna van Pruisen (1576-1625). George Willem huwde Elisabeth Charlotte, dochter van keurvorst Frederik IV van de Palts, en werd vader van:

George Willem werd in 1619 keurvorst van Brandenburg en hertog van Pruisen. Zijn bestuur was zwak en met het huwelijk van zijn zuster Maria Eleonora met protestantse koning Gustaaf II Adolf van Zweden stortte hij het vorstendom in een chaos. Als Duitse keurvorst had Georg Willem ook verplichtingen tegenover de katholieke keizer Ferdinand II.

Het land werd tijdens de Dertigjarige Oorlog door keizerlijke troepen onder Albrecht von Wallenstein en de verschillende protestantse vorsten geplunderd. Ondertussen verloor Brandenburg een groot deel van zijn bevolking aan besmettelijke ziekten.

In 1614 en 1615 hadden de Staten-Generaal zijn vader twee keer een lening verstrekt van 100.000 gulden, beter bekend als de Hoeffijser schuld. In 1622 kwam een overeenkomst tussen de Staten-Generaal en de Keurvorst tot stand, waarbij laatstgenoemde in plaats van aflossing van zijn schuld op zich nam om een huurleger voor de Prins van Oranje op de been te brengen, dat door de landen Gulik, Kleef, Berg, Mark, Ravensberg en Ravenstein zou worden onderhouden. In 1639 was de schuld opgelopen tot meer dan 1 miljoen. Het werd een familieaangelegenheid toen zijn zoon de dochter van prins Frederik Hendrik huwde. De Republiek verkreeg in 1681 de Schenkenschanz als vorm van afbetaling.

Voorvaderen[bewerken]

George Willem van Brandenburg
Overgrootouders Johan George van Brandenburg
(1525–1595)

Sophia van Liegnitz
(1525–1546)
Johan I van Brandenburg-Küstrin
(1513–1571

Catharina van Brunswijk-Wolfenbüttel
(1518-1574)
Albrecht van Brandenburg-Ansbach
(1490-1568)

Anna Maria van Brunswijk
(1532-1568)
Willem V van Kleef
(1516–1592)

Maria van Oostenrijk
(1531-1581)
Grootouders Joachim Frederik van Brandenburg (1546–1608)

Catharina van Brandenburg-Küstrin (1549–1602)
Albrecht Frederik van Pruisen (1553–1618)

Maria Eleonora van Gulik (1550–1608)
Ouders Johan Sigismund van Brandenburg (1572–1620)
∞ 1594
Anna van Pruisen (1576–1625)
George Willem van Brandenburg (1595–1640)

Zie ook[bewerken]

personele unie Brandenburg-Pruisen