Hedwig Sophie van Brandenburg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Hedwig Sophie van Brandenburg.

Hedwig Sophie van Brandenburg (Berlijn, 14 juli 1623Schmalkalden, 26 juni 1683) was van 1649 tot 1663 landgravin en van 1663 tot 1677 regentes van Hessen-Kassel. Ze behoorde tot het huis Hohenzollern.

Levensloop[bewerken | brontekst bewerken]

Hedwig Sophie was de jongste dochter van keurvorst Georg Willem van Brandenburg en Elisabeth Charlotte van de Palts, dochter van keurvorst Frederik IV.

Op 9 of 19 juli 1649 huwde ze met landgraaf Willem VI van Hessen-Kassel (1629-1663). Na het vroege overlijden van haar echtgenoot in 1663 werd ze regentes van het landgraafschap Hessen-Kassel voor haar oudste zoon Willem VII. Na diens dood in 1670 werd ze regentes voor haar tweede zoon Karel, wat ze bleef tot in 1677.

Als regentes probeerde Hedwig Sophie de voorzichtige buitenlandpolitiek van haar echtgenoot voort te zetten en bondgenootschappen te vermijden die Hessen-Kassel bij een oorlog zouden kunnen betrekken. De neutraliteit kon bewaard worden tot in 1673, toen de expansiepolitiek van koning Lodewijk XIV van Frankrijk ook Hessen-Kassel bedreigde. Hedwig Sophia kon de Staten hogere belastingen laten goedkeuren, zodat ze de troepen, die na de Dertigjarige Oorlog tot een minimum gereduceerd waren, kon opdrijven. Ook sloot ze in 1673 een bondgenootschap met haar broer, keurvorst Frederik Willem van Brandenburg. Toen er dat jaar eveneens oorlog uitbrak tussen Frankrijk en het Heilige Roomse Rijk, nam daar ook een contingent uit Hessen-Kassel aan deel.

In de eindfase van haar regentschap probeerde ze de machtsoverdracht aan haar zoon Karel uit te stellen, wat tot een aanzienlijke spanning tussen moeder en zoon leidde. Uiteindelijk stond ze op 8 augustus 1677 de regeringszaken aan hem af.

In juni 1683 stierf Hedwig Sophie op 59-jarige leeftijd.

Nakomelingen[bewerken | brontekst bewerken]

Hedwig Sophie en haar echtgenoot Willem VI kregen zeven kinderen:

Voorouders[bewerken | brontekst bewerken]

Hedwig Sophie van Brandenburg
Overgrootouders Joachim Frederik van Brandenburg
(1546–1608)

Catharina van Brandenburg-Küstrin
(1549–1602)
Albrecht Frederik van Pruisen
(1553–1618)

Maria Eleonora van Gulik
(1550–1608)
Lodewijk VI van de Palts
(1539–1583)

Elisabeth van Hessen
(1539-1582)
Willem van Oranje
(1533–1584)

Charlotte van Bourbon
(1546/47-1582)
Grootouders Johan Sigismund van Brandenburg (1572–1620)
∞ 1594
Anna van Pruisen (1576–1625)
Frederik IV van de Palts (1574–1610)
∞ 1593
Louise Juliana van Nassau (1576–1644)
Ouders Georg Willem van Brandenburg (1595–1640)
∞ 1646
Elisabeth Charlotte van de Palts (1597-1660)
Hedwig Sophie van Brandenburg (1623–1683)