Gerrit Jan van Eyken

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Gerrit Jan van Eyken
Componist
Plaats uw zelfgemaakte foto hier
Volledige naam Gerrit Isak van Eyken
Geboren 5 mei 1832
Overleden 22 maart 1879
Land Vlag van Nederland Nederland
Nevenberoep organist
Portaal  Portaalicoon   Muziek

Gerrit Isak (Gerrit Jan) van Eyken (Amersfoort, 5 mei 1832Dalston (Londen), 22 maart 1879) was een Nederlands organist en componist.

Hij was zoon van organist Gerrit van Eyken en Hendrina Johanna Harthoorn. Zijn broerJohan Albert van Eyken en neef Heinrich van Eyken gingen eveneens de muziek in.

De opleiding van Gerrit Jan begon bij zijn vader. Daarna volgde een opleiding aan het Conservatorium van Leipzig bij Johann Schneider, F. Böhme, Felix Mendelssohn-Bartholdy en Robert Schumann. In 1853 was hij na een tweejarige studie weer terug in Nederland, ging wonen te Amsterdam en vanaf 1855 te Utrecht. Hij bespeelde daar het orgel van de Waalse kerk en was er ook kapelmeester van het orkest van de schutterij. Naast het bespelen van het orgel kwam er ook een aantal composities van zijn hand:

  • opus 1: Drie Lieder
  • opus 2: Der wunde Ritter (uitgegeven via Breitkopf & Härtel)
  • opus 3: Zwei Sonatinen
  • opus 4: Entsagen
  • opus 5: Sonate voor viool en piano
  • opus 6: Drei Lieder nach Augusr Heinrich Hoffmann von Fallersleben
  • opus 7: Drei Gedichte von Heinrich Heine
  • opus 8; Zwei Gedichte von Nikolaus Lenua
  • opus 9: Drei Balladen von Heinrich Heine
  • opus 10: Töne der Liebe (zangstem, piano)
  • opus 11: Fünf Gedichte (Agnes, Das Auge der Nacht, Mein Schatz der ist auf die Wanderschaft, Die junge Nonne, Das verlassene Mägdlein)
  • opus 12: Acht Klavierstücke (herdruk 1867)
  • opus 13: Drie tweestemmige stukken voor kinderzangscholen met pianiobegeleiding
  • opus 16; Zwei Clavierstücke (Trauer, mazurka)
  • De ridder van St Jan
  • La Vénitienne, chant national
  • Krooningsfeest van keizer Karel V te Bologna, 24 februari 1530, eerst een symfonische cantate, later een opera, uitgevoerd zowel in Amsterdam als in Utrecht.
  • Es war ein alter König
  • Geistliche Lieder (Trost, Der Einsiedler an die Nacht
  • Feestmars voor piano, gecomponeerd voor de aanstaande studentenfeesten en opgedragen aan de feest – en maskeradecommissie

Een aantal van zijn composities is bekroond door de Maatschappij tot bevordering der toonkunst. Hij was ook enige tijd dirigent van de "Amersfoortsche Zangvereniging" en oprichter van een zangschool aldaar.

Hij vertrok voor 1870 naar Engeland, waar zijn loopbaan in het slop raakte. Hij ging ten onder aan de drank, maar speelde orgel tot op het laatst van zijn leven.