Gregorio Barbarigo

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search
Gregorio kardinaal Barbarigo

De heilige Gregorio Giovanni Gaspare Barbarigo, kortweg Gregorio Barbarigo (Venetië 16 september 1625 - Padua 18 juni 1697) was bisschop-kardinaal in Bergamo en nadien in Padua. In de 20e eeuw werd hij heilig verklaard.

student[bewerken]

Gregorio groeide op in een begoede Venetiaanse familie en kon studeren aan de universiteit van Padua. Hij studeerde er filosofie, rechten, wiskunde en geschiedenis. In 1644 riep zijn vader hem terug naar Venetië: Gregorio moest in diplomatieke dienst treden voor de republiek Venetië. Zo begeleidde Gregorio de Venetiaanse ambassadeur Alvise Contarini, de latere doge, naar de vredesconferenties van Münster en Osnabrück, ter beëindiging van de Dertigjarige Oorlog[1]. Hij keerde terug naar de universiteit van Padua en doctoreerde er in de rechtsgeleerdheid en het kerkelijke recht (1655). Hij werd priester gewijd in Venetië in datzelfde jaar, aan de leeftijd van 30 jaar.

In 1656 trad hij in dienst van de kerkelijke rechtbank in Rome. Datzelfde jaar brak er de pest uit en Gregorio bezocht zieken en weduwen in Rome.

Beeld van Gregorio Barbarigo in zijn geboortestad Venetië (Chiesa di Santa Maria del Giglio)

bisschop[bewerken]

Van 1657 tot 1664 was hij bisschop van Bergamo en werd in 1660 kardinaal gecreëerd door paus Alexander VII[2]. Van 1664 tot zijn dood in 1697 bisschop van Padua. Hij bezocht er, zoals in Rome, de zieken in zijn parochies. Hij herorganiseerde het priesterseminarie van Padua en richtte zijn aandacht op de studieboeken en katholiek drukwerk. Hij had een bijzondere aandacht voor samenwerking tussen de rooms-katholieke kerk en de orthodoxe kerken. Hij kwam kennelijk in deze zin tussen bij conclaven, waarbij een nieuwe paus werd gekozen[3]. Hij gaf geregeld advies aan de Curie in Rome in juridische kwesties. Tijdens zijn leven was hij gekend voor zijn vroomheid. Nochtans heeft hij een kwalijke reputatie omwille van zijn fulminante tegenstand om aan de bekwame vrouwelijke studente Elena Cornaro Piscopia een doctorstitel te weigeren aan de universiteit van Padua.

Hij stierf in 1697 en werd in de kathedraal van Padua begraven.

Paus Clemens XIII verklaarde Gregorio zalig in 1761 en paus Johannes XXIII heilig in 1960. Gregorio wordt als een voorbeeld van zorgzame herderlijke pastoraal gezien.