Hekatoncheiren

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Hekatoncheires (Gr. Ἐκατόγχειρες - Honderdhandigen), ook wel Hecatonchiren (gelatiniseerd) of Centimani (Lat.) zijn reuzen uit de Griekse mythologie, die, naar verluidt, honderd handen en vijftig hoofden hadden en met hun enorme kracht en strijdlust een beslissende rol speelden in de oorlog tussen de Olympische goden en de Titanen.

De drie broers Briareus ("de sterke", ook wel Aigaion of Aegaeon in het Latijn), Gyges, en Cottus, zoons van Gaia en Ouranos, vochten volgens Hesiodus aan de zijde van de Olympiërs, maar volgens Vergilius streden ze aan de zijde van de Titanen en werd Briareus begraven onder de Etna.

Bronnen[bewerken]

Hesiodus verhaalt hoe Ouranos de broers na hun geboorte in de Tartaros wierp, om te voorkomen dat ze hem van zijn troon zouden stoten. Daar bleven ze, bewaakt door Kampe, totdat Zeus hen bevrijdde om aan zijn zijde te vechten tijdens de Titanomachie. Na de oorlog van de Titanen werden de Hekatoncheiren aangesteld als bewakers van Tartaros. Volgens deze schrijver was Briareus de schoonzoon van Poseidon door een huwelijk met zijn dochter Kymopoliea.

Pausanias vertelt in zijn Beschrijving van Griekenland (Ἑλλάδος περιήγησις) hoe Briareus scheidsrechter was bij een conflict tussen Helios en Poseidon, waarbij hij de Landengte van Korinthe aan de laatste toewees, maar de Acropolis van Korinthië als heiligdom aan de zonnegod.

Volgens Apollonius van Rhodos was Aegaeon een zoon van Pontus en Gaia, de heerser van Aegaea, uitvinder van het oorlogsschip en vijand van Poseidon. Volgens de Metamorfosen van Ovidius en het werk van Apollonius van Tyana is hij een zeegod.