Hersenschudding

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Esculaap     Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.
Hersenschudding
Het stoten van het hoofd kan rotatiekrachten in de hersenen veroorzaken
Het stoten van het hoofd kan rotatiekrachten in de hersenen veroorzaken
Commotio cerebri
ICD-10 S06.0
ICD-9 850
MedlinePlus 000799
eMedicine aaem/123sports/27
MeSH D001924
Portaal  Portaalicoon   Geneeskunde

Een hersenschudding is een licht verstoorde hersenwerking ten gevolge van mechanisch geweld, direct of indirect op de schedel inwerkend, zonder dat de hersenen zelf macroscopisch (zichtbaar) waarneembaar letsel hebben opgelopen.

Symptomen[bewerken]

  • Bewusteloosheid, kort of langdurig, meestal direct in aansluiting aan het ongeval. Bij een hersenschudding is de bewusteloosheid in het algemeen zeer kort van duur, dat wil zeggen enkele seconden tot ongeveer 10 minuten.
  • Misselijkheid en braken; vaak treedt het braken spoedig na het ongeval op en in het algemeen hangen beide symptomen samen. Misselijkheid en braken zijn echter weinig specifieke symptomen.
  • Retrograde amnesie; na weer tot bewustzijn te zijn gekomen bestaat bij het slachtoffer een geheugenverlies met betrekking tot het ongeval en de tijd kort voor of na het ongeval. Men weet dus niet meer of maar zeer vaag te vertellen hoe het ongeval heeft plaatsgevonden of kan zich het ongeval niet herinneren. De amnesie is bij een hersenschudding meestal licht van aard of soms afwezig en meestal niet langer dan 24 uur, maar kan in uitzonderlijke gevallen enkele weken aanhouden. Ook kunnen typische klachten pas weken tot maanden na het ongeval ontstaan. Dit wordt posttraumatisch concussion syndrome genoemd. Het mechanisme hierachter is niet bekend.
  • Er zijn geen neurologische uitvalsverschijnselen.
  • Bij eventueel pathologisch-anatomisch onderzoek worden geen afwijkingen gevonden.

Men vermoedt dat de verschijnselen worden veroorzaakt door een functiestoornis van de formatio reticularis van de hersenstam.

Behandeling[bewerken]

Bij een hoofdtrauma dat tot een of meer van deze verschijnselen leidt, dient contact op te worden genomen met een arts. Aan de hersenschudding zelf is niets te doen, maar er is een (meestal kleine) kans dat er bijkomende problemen optreden die medisch ingrijpen noodzakelijk maken. Dit zijn met name intracraniële bloeding en hersenoedeem. Na verloop van tijd nemen de pijnklachten en de misselijkheid af. Dat men na een hersenschudding langdurig volstrekte rust zou moeten nemen om zware hoofdpijnen te voorkomen, is een fabeltje. Niettemin houden veel mensen na een dergelijke gebeurtenis soms langdurig klachten van:

  • evenwichtsproblemen
  • concentratieproblemen
  • taalvaardigheidsproblemen.
  • af en toe wazig zien.

Ook kunnen er andere klachten optreden. De hersenen zijn namelijk een groot regulerend orgaan voor de rest van het lichaam. Hormonen kunnen in de war raken, psychische problemen kunnen ontstaan, waaronder paniekaanvallen, stemmingswisselingen etc.

Tegen de hoofdpijn kan een pijnstiller (bijvoorbeeld paracetamol) worden gebruikt. Aspirine is echter in verband met het (bloed verdunnende) antistollingseffect niet toegestaan totdat zeker is dat er geen inwendige bloedingen zijn (uit te sluiten middels een CT-scan).

Patiënten hebben rust nodig. Prikkels van buitenaf zoals licht, tv, geluid, in de vrije natuur wandelen, kunnen als vermoeiend worden ervaren.

In de 24 uur na het hoofdtrauma wordt vaak een wekadvies gegeven: men moet de patiënt overdag niet alleen laten en 's nachts om het uur even wakker schudden. Lukt dit niet goed, of is er een duidelijk verschil in de grootte tussen de beide pupillen, of als de patiënt een epileptische aanval krijgt, is onverwijld controle door een neuroloog nodig. Er kan dan een intracraniële bloeding zijn opgetreden. Soms treedt in de dagen na het hoofdtrauma een langzaam optredende versuffing op. Ook dan is nader onderzoek geboden, want er kan een subduraal hematoom bestaan. Deze complicaties komen vaker voor bij mensen die antistollingmiddelen gebruiken.

Vooruitzichten[bewerken]

Bij een lichte hersenschudding zijn in de meeste gevallen de symptomen na enkele weken verdwenen.

Bij een zware hersenschudding kan dit maanden duren. Een half jaar of langer is niet ongebruikelijk. Na een jaar treedt doorgaans geen verbetering meer op en blijft de status zoals het is, kortom de bijverschijnselen nadien kunnen blijvend van aard zijn (concentratieproblemen, psychische klachten, etc.).