Johannes Diderik Bierens de Haan

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Johannes Diderik Bierens de Haan (Amsterdam, 14 oktober 1866 - Haarlem, 27 september 1943) was een Nederlands predikant en filosoof.

Bierens de Haan was de zoon van theehandelaar Jan Bierens de Haan en Louise Leonore van Leeuwen en een broer van de bioloog Johan Bierens de Haan. Hij was getrouwd en had 5 kinderen, van wie een jong overleed. Hij volgde in Haarlem het gymnasium. Daarna studeerde hij theologie aan de Universiteit Utrecht. Hij promoveerde vervolgens in 1891 op De beteekenis van Shaftesbury in de Engelsche ethiek.

Predikant[bewerken]

Na gewerkt te hebben als hervormd predikant te Ootmarsum (Ov.)(1891-1896), Hoogland (1896-1901) en Rozendaal (Gld) nabij Arnhem(1901-1906) verliet hij het ambt en vestigde hij zich te Aerdenhout om zich geheel aan de filosofie te wijden.[1]

In 1936 ontving Bierens de Haan een eredoctoraat van de Universiteit van Amsterdam. In 1939 maakte Annie van der Heide-Hemsing een bronzen portretkop van Bierens de Haan, die zich bevindt in de Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam.

Filosofie[bewerken]

Als filosoof was Bierens de Haan zeer actief. In 1907 was hij medeoprichter van het Algemeen Nederlands Tijdschrift voor Wijsbegeerte. Zijn filosofie stond onder invloed van Spinoza. Hij doceerde lange tijd aan de door Frederik van Eeden opgerichte Internationale School voor Wijsbegeerte in Leusden. Hij pleitte voor het opnemen van een vak filosofie in het middelbaar onderwijs.