Karel Citroen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Werk aan de winkel Dit artikel staat op een nalooplijst. Als je de inhoud op verifieerbaarheid gecontroleerd hebt, kun je dit sjabloon verwijderen. Bekijk ook de bewerkingsgeschiedenis om te zien of anderen hier al aan gewerkt hebben.

Karel Adolf Citroen (Amsterdam, 12 februari 1920[1]) is een zilverexpert en Engelandvaarder.

Familie[bewerken]

Karel A. Citroen is de zoon van Abraham Citroen en Chane Ptasznik, die beiden in 1885 geboren werden en beiden op 31 augustus 1942 in Auschwitz zijn vermoord. Abraham, een neef van Paul Citroen, was sinds 1917 medefirmant van Roelof Citroen, een juwelierszaak in de Kalverstraat op nummer 1 in Amsterdam die door zijn overgrootvader was opgericht. Citroen is 48 jaar getrouwd geweest met Wiekje Pasma (1921-1994), tekenares/illustratrice, en heeft uit dit huwelijk twee dochters, drie kleinkinderen en drie achterkleinkinderen. In januari 1995 is Citroen opnieuw getrouwd met Marijse Buitenhuis. Op 97-jarige leeftijd is Citroen geëmigreerd naar Noorwegen.

Oorlogsjaren[bewerken]

In het najaar van 1941 ging Citroen met zijn neef Bob Franken naar Zwitserland. In diezelfde periode vertrokken ook twee andere neven naar Zwitserland, Alfred en Edwin Rottenberg. Zijn vader had een niet-joodse bedrijfsleider die hem bij het uitbreken van de oorlog voorstelde om via IJmuiden naar Engeland te ontkomen, maar Abraham wilde de zaak van zijn voorouders niet in de steek laten en bleef boven de zaak wonen. Nadat Citroens ouders en zijn enige zusje Thea in 1942 in Auschwitz waren vergast, net als de ouders van Bob, besloten de neven het veilige Zwitserland te verlaten en naar Engeland te gaan. Ze wilden vechten, ze hadden niets meer te verliezen. Beide neven kwamen via Frankrijk, Spanje, Portugal, Curaçao en de Verenigde Staten bij de Royal Navy. Citroen werd decoder op een Brits schip, de HMS Limbourne, om de Duitsers op Schnellboote af te luisteren.

Op 23 oktober 1943 was de Limbourne in de buurt van Guernsey. Citroen hoorde door de radio ene Heinz zeggen dat de torpedo was afgevuurd, en een tel later was het raak: zijn schip was getorpedeerd en er was flinke schade aan bakboord. Citroen had een klap op zijn hoofd gekregen en werd bij de andere gewonden onder het voordek gelegd. Van de bemanning sneuvelden 42 mannen, 100 overleefden de aanval, die werden gered door de HMS Talybunt. De Limbourne was niet te repareren en werd door de Talybunt tot zinken gebracht.

Na de oorlog[bewerken]

Na de oorlog kwam Citroen terug in Amsterdam. Zijn zaak was door de Duitsers leeggehaald, maar in de Staatscourant las hij dat zijn voorraad in Duitsland was gevonden. Met die voorraad kon hij zijn zaak voortzetten.

In 1963 kocht het Hessisches Landesmuseum Darmstadt de aanzienlijke verzameling sieraden van Citroen, met werk van onder meer Georges Fouquet, René Lalique en Philippe Wolfers. Vanaf dat moment richtte het museum zich ook op het verzamelen van sieraden.

In 1971 kwam Citroen tot een overeenkomst met de firma Schaap & van Gelder, waarna tot 1974 de naam Schaap Citroen van Gelder werd gevoerd. Nu staat het bedrijf bekend onder de naam Schaap en Citroen. Eind jaren negentig verkocht Citroen het familiehuis Kalverstraat 1, na bijna anderhalve eeuw te hebben toebehoord aan vier generaties Citroen juweliers. Karel Citroen bleef actief als zilverexpert.

Op 27 november 2001 vertelde Karel Citroen zijn levensverhaal aan het Visual History Archive[2] van het USC Shoah Foundation Institute, opgericht in 1994 door Steven Spielberg. Dit verhaal is opgenomen in de Collectie 2000 Getuigen Vertellen[3], te zien in het Joods Historisch Museum.

Bibliografie[bewerken]

  • Collectie Citroen. Arnhem, 1959
  • Glüber, W. (2011) Jugendstilschmuck, der Bestand im Hessisches Landesmuseum Darmstadt. Regensburg: Schnell & Steiner. ISBN 9783795424534
  • Renaissance in edel metaal. Amsterdam, 1959
  • Jugendstil. Sammlung Citroen im Hessischen Landesmuseum Darmstadt. Ausgewählte Neuerwerbungen der Sammlung Citroen Amsterdam. Essen, [1962]
  • De familie Spanjaard. Een overzicht van de afstammelingen van Salomon Jacob Spanjaard (1783-1861) en Sara David van Gelder (1793-1882). Borne, 1964
  • De verzameling Van Lennep. Een keuze uit het servieswerk, schepwerk, speelgoed en varia bijeengebracht door Jhr. A. van Lennep, bestuurslid van het Nederlands Goud- en Zilvermuseum te Utrecht, 1950-1962 en tentoongesteld in dat museum van 17 juni t/m 5 sept. 1965. Utrecht, 1965
  • Zierat der Jahrhundertwende. [S.l.], 1966
  • Lalique et Baudelaire. Quelques réflexions sur un bijou art nouveau. [Amsterdam], 1966
  • Taal en teken. Assen, 1967 [Openbare les Amsterdam G.U. op 29 nov. 1966 (leeropdracht: Geschiedenis van de edelmetaalkunst van de Renaissance tot de huidige tijd.)]
  • Amsterdamse zilversmeden en hun merken. Amsterdam, 1975
  • Vervalsing en namaak van zilver in Friesland. [Leeuwarden, 1975]
  • Amsterdam silversmiths and their marks. Amsterdam, 1975
  • Valse zilvermerken in Nederland. Amsterdam, 1977
  • De huwelijksbeker van Trijntje Coppit. [Amsterdam, 1978]
  • Zilver van Bentveld (1806-1853). Van sobere strakheid tot drukke deftigheid. Schoonhoven, [1982]
  • Zes opstellen. Geschreven, gepubliceerd en gebundeld voor Jan Verbeek en hem aangeboden door zijn vrienden. Lochem, 1983/1984
  • Meesterwerken in zilver. Amsterdams zilver 1520-1820. Lochem, 1984
  • Haarlemse zilversmeden en hun merken. Haarlem, 1988
  • Silbergeräte in Stilleben. [Nürnberg, 1988]
  • Dutch Goldsmiths' and Silversmiths' Marks and Names prior to 1812. A descriptive and critical repertory. Leiden, 1993