Meerstal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search
Meerstal in het Bargerveen

Een meerstal is een natuurlijk gevormde plas in actief, levend hoogveengebied. Een meerstal vormt zich door de groei van een hoge veenbult in de naaste omgeving, die zijn water loost op een lagere, vaak zanderig gebleven plek. Vaak, maar niet altijd, werd het water uit het hoogveen via meerstallen afgevoerd naar veenriviertjes.

De term meerstal is ontstaan in de veengebieden van Noordoost-Nederland. In de Peel in Noord-Brabant gebruikte men voor zo'n plas ook wel de term doodlegger (ook wel doodleger of doolegger). In de Peel zijn er echter geen voorbeelden meer van over. Het reeds halverwege de 19e eeuw verdwenen Soemeer was waarschijnlijk een doodlegger.

Met het afgraven van de hoogveengebieden zijn de meeste meerstallen verdwenen. In Dedemsvaart bestaat nog de Kotermeerstal, die gebruikt wordt als recreatieplas/viswater en ook in het Witterveld bij Assen bestaan nog twee voorbeelden, waaronder het Meeuwenmeer, ook het Schildmeer was van oorsprong een meerstal, dat wel kleiner was dan het huidige meer. Ook in het Meerstalblok, een niet verveend deel van het natuurgebied Bargerveen, zijn ze nog aanwezig. Dit gebied, dat wordt beheerd door Staatsbosbeheer, ligt ten zuiden van het dorp Zwartemeer in Zuidoost-Drenthe.

Men zou meerstallen ten onrechte kunnen verwarren met sommige soorten vennen, zoals de in uitgeveende laagtes ontstane veentjes of de zogenoemde pingoruïnes. Van oorsprong waren meerstallen echter open wateren binnen een groot veengebied, terwijl vennen vaak kleinschalige veengebiedjes waren binnen een zanderig heidegebied.

Zie ook[bewerken]