Multimeter

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Digitale multimeter
Analoge multimeter

Een multimeter of universeelmeter is de benaming van een elektrisch meetinstrument waar een aantal grootheden mee gemeten kunnen worden zoals spanning, stroomsterkte (of kortheidshalve stroom) en weerstand. Uitgebreidere universeelmeters kunnen vaak ook capaciteit, zelfinductie, frequentie, temperatuur, de doorlaatspanning van een diode en de stroomversterkingsfactor van een transistor meten.
Daarnaast is vaak een verbindingstester aanwezig. Deze geeft een geluidssignaal als ruwe indicatie van een (goede) verbinding. Dit is handig om snel te kunnen werken waarbij niet naar de meter behoeft te worden gekeken.

Moderne universeelmeters (na ca. 1985) hebben meestal een digitale uitlezing (met een lcd). Tot die tijd waren analoge meters (met een draaispoelmeter) goedkoper te produceren. De wat duurdere digitale multimeters kunnen automatisch de juiste schaal (bereik, meetbereik, in het Engels range) of polariteit selecteren. Omdat voor sommige metingen (veranderende waarden van de te meten grootheid) een analoge meter beter en sneller te interpreteren is zijn sommige digitale universeelmeters ook uitgerust met een analoge schaal.

Sommige, met name de digitale universeelmeters, hebben een ingebouwde versterker en hebben daardoor het voordeel van een hogere ingangsimpedantie, zodat de te meten schakeling minder nadelig wordt beïnvloed door de meter zelf. Door de versterker kunnen deze meters ook vaak lagere spanningen en stromen meten.

Omdat de ingangsweerstand verandert bij verschillende spanningsmeetbereiken wordt deze uitgedrukt in ohm/volt. Zo heeft een 10.000 Ω/V multimeter op het 10 V-bereik een ingangsweerstand van 100.000 Ω of 100 kΩ.

Achter de wijzer van de duurdere analoge meters bevindt zich een spiegel. De zogenaamde spiegelschaal voorkomt afleesfouten ten gevolge van de parallaxfout. Als bij het aflezen van de meter het spiegelbeeld van de meternaald precies achter de naald valt, heeft het oog de juiste positie om de meterschaal te kunnen aflezen.

Standaardfuncties van een digitale multimeter[bewerken]

De meeste multimeters beschikken over een redelijk arsenaal aan meetinstrumenten capabel genoeg voor het tevreden stellen van de meeste techneuten. Hieronder staat opgesomd wat deze functies zijn en wat ze precies doen.

  • Spanning meten. Deze stand laat de spanning in [[volt (eenheid)}volt]] zien over de twee probes van de multimeter, vaak beschikt een multimeter over een DC stand en een AC stand.
  • Weerstand meten. Deze stand meet de waarde van de interne weerstand van een schakeling of de waarde van een weerstand zelf. De stand werkt alleen correct als er geen invloed is van andere spanningsbronnen in de schakeling. De weerstand wordt weergegeven in ohm.
  • Doorlaatspanning van een diode meten. Deze stand laat zien hoeveel spanning in Volt er nodig om een diode stroom te laten geleiden indien deze in geleidstand is geschakeld.
  • Versterking van een transistor. Spreekt voor zichzelf, deze stand wordt vaak gebruikt bij het maken van versterkende schakelingen.
  • Temperatuur meten. Deze stand is alleen te vinden bij vrij moderne multimeters en meet het temperatuurverschil tussen de twee probes van de multimeter in graden celsius of fahrenheit.
  • Capaciteit meten. Deze stand meet de capaciteit van een condensator in farad. Bij het meten van een electrolytische condensator (elco) moet men rekening houden met de plaatsing van de probes van de multimeter op de pinnen hiervan.
  • Stroomsterkte meten. Deze stand meet de stroomsterkte in ampère door een bepaald punt in de schakeling, deze stand is ook weer onderverdeeld in AC en DC.
  • Continuïteit meten. Deze stand meet de continuïteit van twee punten, daarmee wordt bedoeld of de twee te meten punten in direct contact met elkaar staan. Vaak wordt de continuïteit aangegeven met een ingebouwde buzzer. Men dient op te letten dat de buzzer nog steeds afgaat (er continuïteit is) wanneer er over een shuntweerstand wordt gemeten, dit komt omdat de shuntweerstand een zeer kleine waarde en het dus lijkt alsof de twee pinnen van de shunt zijn kortgesloten.

Zie ook[bewerken]