Oudduitse herder

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Oudduitse herder
Hondenras
Twee wolfsgrauwe ODH's
Twee wolfsgrauwe ODH's
Basisinformatie
Andere namen Oudduitse herder, ODH
Oorsprong Duitsland
Lijst van hondenrassen

De Oudduitse herder is een langharige herder, afkomstig uit Duitsland.

Uiterlijk[bewerken]

Oost-Duitse ODH, teef, 1 jaar

De Oudduitse herder is een middelgrote hond. De Oudduitse herder verschilt in uiterlijk van de Duitse Herdershond vooral in zijn rechte rug en lange vacht. Het dier is krachtig, goed gespierd en licht gestrekt.

De schofthoogte voor de reu ligt tussen de 60 en 68 cm en die voor de teef tussen de 55 en 63 cm. Reuen wegen zo'n 30 tot 40 kg en teven zo'n 22 tot 32 kg.

De vachtkleur kan variëren tussen zwart, zwart-bruin, geel-bruin en (wolfs)grauw. Tevens zijn er Oudduitse herders die meer grijs in hun vacht hebben, deze worden vaak zilver genoemd. (Bijvoorbeeld zilvergrauw i.p.v. wolfsgrauw of zwart-zilver i.p.v. zwart-bruin.)

Qua uiterlijk is er ook nog een verschil tussen de Oost-Duitse lijn en de West-Duitse lijn. Oudduitse herders uit de Oost-Duitse lijn komen vooral uit werklijnen en hebben vaak een donkerdere vacht. Daarnaast zijn ze geblokter van bouw. Honden uit de West-Duitse lijn zijn vaak blonder van kleur en zijn minder geblokt gebouwd. Hierdoor lijken ze meer op de 'normale' Duitse Herdershond.

Aard en karakter[bewerken]

Oudduitse herders zijn van nature evenwichtig, stabiel, zelfverzekerd, absoluut spontaan en goedmoedig. Daarnaast zijn ze opmerkzaam en leidend. Ze beschikken ook over de nodige moed, vechtlust en doorzettingsvermogen, waardoor ze zeer geschikt zijn als waak- geleide- en diensthond. Door hun rustige en evenwichtige karakter en omdat ze graag in een roedel leven, zijn Oudduitse herders ook zeer geschikt als gezinshond.

Beweging[bewerken]

De Oudduitse herder is een draver. Het dier krijgt dan ook de juiste bespiering door vooral rechtlijnige bewegingen met hem te maken, zoals wandelen, fietsen en zwemmen. Oudduitse herders hebben veel beweging nodig, zo'n twee uur per dag is zeker aan te raden.

Oudduitse herders kunnen in stadswoningen worden gehouden, mits ze genoeg beweging krijgen. Dit, omdat hij binnenshuis erg rustig is en niet onnodig blaft. Natuurlijk is het wel fijner voor het dier als hij vrij gebruik kan maken van buitenruimte.

Verzorging[bewerken]

De vacht van de Oudduitse herder moet zo nu en dan, maar zeker niet te vaak, gekamd worden. Het is voor de vacht beter om in één keer heel uitgebreid te kammen, dan elke dag een klein stukje. Door te vaak en te veel kammen wordt de huid namelijk gestimuleerd en daardoor zal de vacht meer verharen.

Probeer grote klitten in de broek en kraag te voorkomen. Het is zeker niet verstandig om de vacht te scheren.