Ponte Morandi

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Ponte Morandi
Ponte Morandi in 2008
Ponte Morandi in 2008
Algemene gegevens
Locatie Vlag van Italië Genua, Italië
Coördinaten 44° 26′ NB, 8° 53′ OL
Overspant Polcevera
Lengte totaal 1182 m
Hoogte 45 m
Hoogste punt 90 m
Langste overspanning 210 m
Beheerder Atlantia
Brugnummer 2663[1]
Ook bekend als Polceveraviaduct, Ponte delle Condotte
Bouw
Bouwperiode 1963 - 1967
Opening 4 september 1967
Afbraakreden deels instorting
Afbraakjaar 2018
Gebruik
Weg E80 / A10
Verkeersintensiteit 25.500.000 p.j. (2009)
Architectuur
Type Tuibrug
Architect(en) Riccardo Morandi
Materiaal gewapend beton
Ponte Morandi (Italië)
Ponte Morandi
Portaal  Portaalicoon   Verkeer & Vervoer

Ponte Morandi (ook bekend als Polceveraviaduct) was een tuibrug in de Italiaanse havenstad Genua, die de stadsdelen Sampierdarena en Cornigliano verbond. Op 14 augustus 2018 stortte de brug voor een groot deel in.

Deze door Riccardo Morandi ontworpen verkeersbrug van voorgespannen beton werd tussen 1963 en 1967 gebouwd. Met een totale lengte van 1182 meter overspande ze het dal van de rivier de Polcevera, met daarin de spoorlijn naar Asti en de spoorlijn naar Alessandria en bedrijven en woonhuizen. Over de brug liep de tolweg E80 / A10. De brug werd beheerd door Atlantia, de grootste particuliere wegbeheerder van Europa.

Ontwerp[bewerken]

Het ontwerp van de brug was vrij ongebruikelijk, omdat er weinig tuien gebruikt werden en Morandi deze in beton liet insluiten. Slechts twee andere bruggen ter wereld zijn van hetzelfde ontwerp: een in Venezuela (de Generaal Rafael Urdanetabrug, ingestort in 1964 na een aanvaring door een schip) en een in Libië (de brug over Wadi al Kuf, gesloten in 2017 nadat er scheuren werden gevonden).[2]

Geschiedenis[bewerken]

De brug werd op 4 september 1967 officieel geopend in aanwezigheid van president Giuseppe Saragat. Ze werd een belangrijke verbindingsweg tussen de haven van Genua en de industriegebieden van Milaan en Turijn en had daardoor een grote invloed op de naoorlogse economische groei van een groot gedeelte van Noord-Italië.

Sinds de jaren 1970 werd de brug onderworpen aan restauratiewerkzaamheden vanwege het kraken, de achteruitgang van het beton en de beweeglijkheid van het wegdek. In de jaren 1990 werden de tuien vervangen. In 2016 werden de laatste grote renovatiewerkzaamheden uitgevoerd, waarbij onder andere betonconstructies en hekwerken vervangen werden. Toen gingen er al stemmen op om de brug te vervangen vanwege de hoge onderhoudskosten.[3]

Instorting[bewerken]

Een deel van de verkeersbrug stortte in de ochtend van 14 augustus 2018 in. Tijdens noodweer met zware regenval en onweer kwam het wegdek over een lengte van 200 meter met de westelijkste brugpijler naar beneden. Verkeer dat op dat moment op de brug reed, viel zo'n 45 meter omlaag. Er waren drieënveertig dodelijke slachtoffers en vijftien gewonden. Onder de slachtoffers waren dertig Italiaanse burgers. Vier slachtoffers kwamen uit Frankrijk, drie uit Chili en twee uit Albanië. De overige vier slachtoffers kwamen uit Colombia, Moldavië, Peru en Roemenië.

Gezien de slechte staat en veiligheidsredenen wil de regering de brug nu laten slopen. Na de instorting werd de handel in aandelen van Atlantia een tijd stilgelegd, omdat de koers sterk kelderde. Volgens het hoofd van de dienst wegbeheer kwam de ineenstorting van de brug "onverwacht en onvoorspelbaar". De brug werd voortdurend gecontroleerd, zelfs meer dan de wet voorschrijft. Hij zei verder dat er "geen reden was om de brug als gevaarlijk te beschouwen".[4]

Danilo Toninelli, minister van Transport, kreeg direct na de ramp veel kritiek over zich heen, omdat uitgerekend zijn partij, de Vijfsterrenbeweging, in 2016 tegen renovatie van de brug heeft gestemd. Raadsleden van die partij schreven toen: "Ze maken ons sprookjes wijs over het ineenstorten van de Morandibrug die volgens een rapport nog honderd jaar mee kan met gewone onderhoudswerken".[5]

Op voorstel van premier Giuseppe Conte kondigde de Italiaanse regering op 15 augustus in Genua de noodtoestand af voor een periode van twaalf maanden.[6]