Rasphuis (Gent)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Plan en dwarsdoorsnede van het Rasphuis (ca. 1772), tentoongesteld in het Stadsmuseum Gent
De ligging ven het Rasphuis op de kaart van Ferraris

Het Rasphuis in de stad Gent was een correctiehuis voor bedelaars, werklozen en landlopers langs de Coupure.

Deze modelinstelling werd in 1773 gebouwd op initiatief van Maria Theresia van Oostenrijk volgens plannen van de Gentse bouwmeester Ignace Malfeson. Ze werd geïmiteerd in Engeland en Pruisen, had de vorm van een achthoek en kon circa 1500 gevangenen herbergen. Eerst werden er slechts vijf zijden afgewerkt. Willem I voltooide het gebouw. Het Rasphuis verving de galei in Antwerpen die door Willem I werd afgeschaft.

Vanuit de centrale achthoek is het volledig complex te overzien en de opdeling in vleugels bood de mogelijkheid om de gevangenen per type afzonderlijk op te sluiten.

Gevangenen moesten er eikenschors, en Indisch en Braziliaans hout raspen voor de verfindustrie. Lieven Bauwens liet de tot dwangarbeid veroordeelde gevangenen voor hem werken. Ze moesten garens weven die afkomstig waren uit zijn fabrieken in Chartreuse. In ruil zorgde hij voor hun onderhoud en salaris. Omdat Bauwens enkel maximale winst zocht en handelde volgens het principe geen werk, geen voedsel kreeg hij moeilijkheden na het vertrek van zijn beschermheer, prefect Faipoult. Bauwens kreeg te horen dat hij zijn rekeningen in orde moest brengen en hij mocht opkrassen.

In 1935 werd de gevangenis gesloten. In 1937 werd het gebouw afgebroken om plaats te maken voor landbouwhogeschool (de latere faculteit van de bio-ingenieurs). De naam leeft verder in de Rasphuisstraat (die evenwel aan de andere kant van de Coupure ligt).