Rode reus

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Grootte van Rode reus ten opzichte van zon

Een rode reus (en de gerelateerde oranje reus) is een ster die aan het einde van haar levensfase is gekomen. De spectraalklasse van een rode reus is K (een oranje reus) of M en de lichtkrachtklasse II of III. Voorbeelden van rode reuzen zijn de koolstofsterren. Rode reuzen zijn vaak veranderlijk, zoals de Mira-veranderlijken. De effectieve temperatuur van rode reuzen is 3330 tot 4750 K; van koolstofsterren 1900 tot 5400 K.

Een hoofdreeks-ster geeft energie af door de fusie van waterstof tot helium in de kern door middel van de proton-protoncyclus of de koolstof-stikstofcyclus. In de loop der tijd raakt het waterstof in de kern steeds meer opgebrand, waardoor het fusieproces in de loop der tijd minder wordt. Daardoor koelt de ster wat af en neemt de stralingsdruk in de kern af. Hierdoor trekt de kern onder invloed van haar eigen gewicht wat meer samen waardoor de temperatuur stijgt. Deze temperatuurstijging heeft tot gevolg dat er een waterstoffusie in een schil buiten de kern op gang komt.

Een ster waar buiten de kern een fusieproces plaatsvindt, produceert meer energie dan daarvoor en zwelt enorm op. Doordat door het opzwellen de oppervlaktetemperatuur daalt wordt de ster een rode reus. Als de zon over ongeveer 5 miljard jaar in dit stadium komt wordt zij zo groot dat de buitenste lagen tot ver voorbij de baan van Venus, en misschien zelfs tot voorbij de baan van de Aarde zullen reiken.

Tijdens deze fase hoopt zich steeds meer helium in de kern op, die daardoor nog meer samentrekt en waardoor de dichtheid van de kern steeds hoger wordt. Als de kern een temperatuur bereikt van 100 miljoen kelvin gaat het helium in de kern fuseren tot koolstof door middel van het Triple-alfaproces. Het begin van deze fusie wordt heliumflits genoemd. De buitenste gaswolken drijven steeds verder weg en vormen een planetaire nevel. De ster eindigt als een witte dwerg, die uiteindelijk afkoelt en zo een zwarte dwerg wordt. Dit proces duurt echter zo lang, dat er nog geen zwarte dwergen in ons heelal zijn.

Bij zware sterren vindt er een supernova plaats, en eindigt de ster uiteindelijk als neutronenster (pulsar) of als zwart gat. Sterren met een massa groter dan 8 maal de massa van de zon worden superreuzen.

De dichtstbijzijnde oranje reuzen zijn Pollux (33,8 lichtjaar; K0IIIb) en Arcturus (36 lichtjaar; K1.5IIIFe-0.5); de dichtstbijzijnde rode reus is Gacrux (88 lichtjaar; M3.5III).