Russisch symbolisme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Russisch symbolisme (Russisch: Русский символизм, Roesskaja simbolism) was een intellectuele en artistieke beweging in het Rusland van ongeveer 1890 tot 1920, vooral bekend door haar bijdragen op het gebied van de poëzie.

Literatuur[bewerken]

Merezjkovsky, belangrijk grondlegger van het Russisch symbolisme

Het Russisch symbolisme in de literatuur begon vrij laat, later dan het Franse symbolisme, dat haar hoogtepunt kende in de jaren 1880, later ook dan de stroming van de ‘tachtigers’ in Nederland. Het beginpunt wordt meestal gelegd in 1892, toen de schrijver Dmitri Merezjkovski zijn essaybundel Over de redenen van het verval en over de nieuwe richtingen in de hedendaagse Russische literatuur publiceerde. Merezjkovski verklaart zich voorstander van het ‘l’art-pour-l’art’-principe. Hij bestreed nadrukkelijk dat kunst nuttig moest zijn, zoals de linkse socialisten propageerden, of moest opwekken tot een hoogstaand leven, zoals Tolstoj wilde. Kunst heeft volgens Merezjkovski slechts tot taak het ‘ware’ en het ‘schone’ te laten zien. Daarmee keert hij zich af van het materialisme en het rationalisme, zoals die domineerde in de voorafgaande periode van het Russisch realisme en komt weer terug bij de idealistische filosofie van de romantiek.

Met de nadruk op de opvatting dat kunst losstaat van utiliteit en moraal en dat kunst meer kan dan de wereld van de wetenschap of de zichtbare wereld uitbeelden, verwoordde Merezjkovski twee kernpunten van het Russisch symbolisme. Aanvankelijk overheerste het ethische aspect (de kunst was geheel vrij en had geen enkel ander doel dan kunst te zijn), later kwam de nadruk meer te liggen op het filosofische: al het zichtbare is slechts een symbool van een ‘andere’, hogere werkelijkheid, die wij niet kunnen waarnemen maar slechts via de kunst kunnen benaderen

Belangrijke vertegenwoordigers van de vroege Russische symbolistische poëzie waren, naast Merezjkovski: zijn vrouw Zinaida Hippius, Vladimir Solovjov , Valeri Brjoesov, Konstantin Balmont, Fjodor Sologoeb en Alexei Remizov. Tot de latere generatie symbolisten behoorden Vjatseslav Ivanov, Andrej Bely en Aleksandr Blok. Literaire stromingen die voortbouwden op het Russisch symbolisme waren het acmeïsme en het imaginisme.

Symbolisme in andere kunsten[bewerken]

Michail Nesterov 's schilderij Het visioen van de jonge Bartholomev (1890) wordt wel beschouwd als een beginpunt van het Russisch symbolisme

Het Russisch symbolisme en haar principes drongen ook door in de muziek, het theater en de schilderkunst. Belangrijke componisten van het symbolisme waren Igor Stravinski en Alexander Skrjabin. Vanuit het theater worden Konstantin Stanislavski en de jonge Vsevolod Meyerhold ook wel met het symbolisme geassocieerd. In de symbolistische schilderkunst traden de namen van Michail Vroebel , Michail Nesterov , Nikolaj Rjorich, Wassily Kandinsky en Alexandre Benois het meest naar voren.

Veel symbolistische kunstenaars vonden elkaar in de artistieke beweging “Mir Iskoesstva” (“De wereld van de kunst”), met het gelijknamige tijdschrift. Vanuit “Mir iskusstva” leverden ook veel kunstenaars een bijdrage aan het bekende “Ballets Russes”.

Literatuur en bronnen[bewerken]

  • A. Langeveld, W. Weststeijn: Moderne Russische literatuur, 2005, Amsterdam
  • E. Waegemans: Russische letterkunde Utrecht, 1986. (Opnieuw herziene en geactualiseerde editie: Amsterdam, Antwerpen, 2003).