Tanen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Taanketel
Tanen van fuiken en touwwerk.

Tanen is het conserveren van katoenen visnet, zeil of touw met cachou om verrotting door schimmels en bacteriën tegen te gaan. Het tanen werd gedaan in een taanketel. Gedurende enkele uren werd het visnet, zeil of touw in een hete oplossing van cachou ondergedompeld. Cachou is een extract van verschillende bomen, waaronder die van eik, quebracho en betelpalm en geeft een bruine kleur aan het behandelde materiaal.

Tanen werd in Nederland vooral gedaan met tanine die uit de bast van de berk of eik werd gewonnen. De berk had een geringe opbrengst van krap 25% winbare tanine. In India groeit de acaciaboom, deze heeft een veel hogere opbrengst, ongeveer 75% van de aanwezige tanine is winbaar. De ontdeking van deze acacia ging vrijwel gelijktijdig met het ontdekken van India als VOC handelsgebied. De tanine werd in brokken uit de boom gehaald en kwam in scheepskisten naar Nederland. De brokken tanine werden in de taanketel door middel van kokend water opgelost waarna het tanen kon beginnen.

Iedere vissersplaats had tenminste één taanderij, grotere vissersplaatsen hadden twee of meer, kleinere, taanderijen. Doorgaans waren deze taanderijen eigendom van de vissers, die vooral aan het eind van de week op zaterdagmiddag hun netten lieten ophalen en tanen. Na de taanbeurt waren de netten weer klaar voor gebruik en waren de netten gereinigd van alle visrestanten die waren achtergebleven. In de havens was het een bont gezicht: alle schepen die de netten te drogen hadden gehangen.

Tanine heeft een natuurlijke bruine kleur, sommige vissersplaatsen wilden zich onderscheiden door de zeilen van een rode kleur te voorzien.

Behalve de genoemde visnetten, zeildoek en touwen werden ook de zeildoeken die voor de molenwieken werden gebruikt met regelmaat met tanine behandeld.

Het tanen van katoenen zeilen verdween toen de vissersschepen werden uitgerust met kunststof zeilen en nog weer een fase later op de motor gingen varen. Omdat schepen van de bruine vloot toch in toenemende mate weer kiezen voor katoen komt ook het taanproces geleidelijk aan weer tot bloei.

In het Zuiderzeemuseum Enkhuizen heeft een project van Merel Karhof gelopen die een nieuwe invulling gaf aan tanen. Zij ging na welke invloed het tanen onder andere op een stuk dierenhuid had.

Taanhuis[bewerken]

Het Taanhuis in het Zuiderzeemuseum

In Hoorn had de vissersvereniging 'Eensgezindheid' een onderafdeling, Het Taanhuis geheten. Deze nam in 1897 het gebouwtje met vijf ketels in gebruik. Voor het gebruik van het taanhuis moest apart contributie worden betaald. In 1906 bedroeg deze zes gulden per jaar. Ook vissers van elders konden tegen betaling gebruik maken van de ketels. De visser die zijn netten wilde tanen, maakte een afspraak met de beheerder. De brandstof voor het stoken moest men zelf aanschaffen. Door invoering van synthetische netten, die niet getaand hoeven te worden, verloor dit taanhuis zijn functie. In het Zuiderzeemuseum is in 1978 een reconstructie gebouwd, waarin de originele ketels zijn geplaatst.

Externe links[bewerken]