Theodorus van Swinderen (1784-1851)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Theodorus van Swinderen
Theodorus van Swinderen in 1851 door Cornelis Bernardus Buijs
Theodorus van Swinderen in 1851 door Cornelis Bernardus Buijs
Persoonlijke gegevens
Geboortedatum gedoopt 17 september 1784
Geboorteplaats Groningen
Overlijdensdatum 11 april 1851
Overlijdensplaats Groningen
Werkzaamheden
Vakgebied natuurlijke historie
Overig
Handtekening
Handtekening
Portaal  Portaalicoon   Onderwijs

Theodorus van Swinderen (Groningen, gedoopt 17 september 1784 - aldaar, 11 april 1851) was hoogleraar natuurlijke historie in Groningen.

Leven en werk[bewerken]

Van Swinderen, lid van de familie Van Swinderen, werd in 1784 op het Martinikerkhof te Groningen geboren als zoon van Wicher van Swinderen en Johanna Margaretha de Beveren. Na zijn opleiding aan de Latijnse school te Groningen ging hij in 1799 studeren aan de "Hoogeschool van Groningen". In ditzelfde jaar richtte Van Swinderen het Magazijn voor de critische wijsbegeerte en de geschiedenis van dezelve op. Dit was tevens het eerste begin van een studentenvereniging in Groningen.[1] Van Swinderen promoveerde in de jaren 1805 en 1806 op een drietal proefschriften in de wis- en natuurkunde, letteren en rechten. Tijdens zijn studie richtte hij in 1801, samen met zijn vriend Sibrandus Stratingh, het ‘Genootschap ter bevordering der natuurkundige wetenschappen te Groningen’ (= het latere Koninklijk Natuurkundig Genootschap) op. In 1807 werd hij benoemd tot schoolopziener, een functie die hij gedurende 44 jaar, tot zijn overlijden in 1851, zou uitoefenen. In 1814 werd hij benoemd tot hoogleraar in de natuurlijke historie aan de "Hoogeschool van Groningen" (de latere rijksuniversiteit). Van 1822 tot 1823 was hij daar rector. Van Swinderen ijverde tijdens zijn hoogleraarschap voor de oprichting van een Museum van Natuurlijke Historie.

Op maatschappelijk gebied maakte Van Swinderen zich verdienstelijk door diverse activiteiten op het terrein van de volksopvoeding. Hij zorgde voor de oprichting van diverse historische gedenktekens in Stad en Ommelanden. Hij was degene die ervoor zorgde dat de bevrijding van Groningen op 17 augustus 1672 weer werd gevierd op de juiste feestdag volgens de gregoriaanse kalender, 28 (soms 27) augustus. Tevens was hij de initiatiefnemer tot de aanleg van de Zuiderbegraafplaats in Groningen.

Van Swinderen trouwde op 19 maart 1823 te Kollumerland met Geertruijd Anna Lucretia van den Merwede. Hun huwelijk bleef kinderloos. Van Swinderen woonde zijn hele leven tegenover de Martinikerk, in het pand dat later het Feithhuis werd genoemd.[2] Hij overleed in 1851 op 66-jarige leeftijd op het Martinikerkhof in zijn woonplaats Groningen. Hij was was Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw.

Tien jaar na zijn overlijden werd er een monument ter nagedachtenis aan hem geplaatst in de tuin van het Groene Weeshuis. Het monument werd na enkele omzwervingen afgebroken. In 1990 werd zijn buste in de binnentuin van het Universiteitsmuseum geplaatst.[3][4]

Bibliografie (selectie)[bewerken]

Buste van Van Swinderen in de tuin van het Universiteitsmuseum Groningen
  • Eenige denkbeelden over schoolpligtigheid en kosteloos onderwijs, Groningen, 1849
  • Bijdragen tot de geschiedenis der schoolverbetering, inzonderheid in de provincie Groningen, Groningen, 1847
  • Het weldadig Groningen, of opgave en beschrijving van de nuttige inrigtingen te Groningen, in het bijzonder van die ten behoeve van armen en ongelukkigen, Groningen, 1844
  • Gronden van bemoediging in deze zorgvolle dagen, betrekkelijk het lager onderwijs en voorstellen ter verbetering, Groningen, 1840-1841
  • Iets over het volksfeest, te Groningen den 28 augustus 1839 gevierd, ter herinnering van de bevrijding der stad in 1672, Groningen, 1839
  • Korte handleiding voor vreemdelingen, die het merkwaardigste in de stad Groningen wenschen te zien, Groningen, 1834
  • Wegwijzer in het Museum van Natuurlijke Historie der Hoogeschool te Groningen, Groningen, 1828
  • Over den invloed van de ramp van Groningen op het lager onderwijs in die stad, Groningen, 1827
  • Initia faunae Groninganae of Proeve van eene naamlijst der dieren welke in de provincie Groningen gevonden worden, groningen, 1825-1836
  • Ontwerp van eene geschiedenis der schoolverbetering in de provincie Groningen, Groningen, 1821
  • Algemeen overzigt over den staat van het schoolwezen in het eerste district van het departement van de Wester-Eems, 1812-1815
  • Beknopte beschrijving der inrigtingen van het openbaar onderwijs in Frankrijk, Groningen, 1811
  • Disputatio juridica inauguralis, de legibus, Groningen, proefschrift 1806
  • Disputatio chemico-physica inauguralis, de atmosphera, Groningen, ejusque in colores actione, proefschrift 1805
  • Disputatio juris Groningani, de famulis domesticis, Groningen, proefschrift 1805
Voorganger:
Gerbrand Bakker
Rector magnificus van de Rijksuniversiteit Groningen
1822–1823
Opvolger:
Jan Rudolf van Eerde