Tjarda van Starkenborgh

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Tjarda van Starkenborgh wapen.svg

Tjarda van Starkenborgh (ook: Tjarda van Starkenborgh Stachouwer) is een oud Fries adellijk geslacht dat bestuurders en de laatste gouverneur-generaal van Nederlands-Indië voortbracht.

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

De bewezen stamreeks begint met de hoofdeling Syds Tjaerda, ook "Sydze Thiarda upter Gaest" (1421), die vermeld wordt tussen 1421 en 1444 te Rinsumageest. Zijn voorouders zijn zeer waarschijnlijk Thitard en Hacka (beide overleden voor 1341), deze worden vermeld op de Epposteen. Hij was gehuwd met Alydt Huinge, zij was afkomstig uit de adel van de stad Groningen.[1] Hij was grietman en mederechter. Zijn zoon Barthold Tjaerda van Starkenborgh (vermeld 1453-1494) was hoofdeling op Starkenborgh, en eveneens grietman. Nageslacht was heer van of hoofdeling te Dijkumborg, Garsthuizen, Verhildersum, Leens, Wehe, Zuurdijk, enz. Sommigen van hen waren ook gedeputeerde.

Op 28 augustus 1814 werd Ludolf Tjarda van Starkenborgh (1770-1821) benoemd in de ridderschap van Groningen waardoor hij en zijn nakomelingen het predicaat van jonkheer of jonkvrouw mochten voeren.

De laatste mannelijk telg, jhr. mr. dr. A.W.L. Tjarda van Starkenborgh Stachouwer (1888-1978), was diplomaat en laatste gouverneur-generaal van Nederlands-Indië; met zijn jongste dochter stierf het geslacht in 2000 uit.

De familie Tjarda van Starkenborgh Stachouwer was eeuwenlang eigenaar van de borg en landgoed Verhildersum in Leens.

Enkele telgen[bewerken | brontekst bewerken]

jhr. Ludolph Tjarda van Starkenborgh (1770-1821), lid ridderschap en provinciale staten van Groningen; met zijn benoeming in de ridderschap werden hij en zijn nakomelingen opgenomen in de Nederlandse adel

Literatuur[bewerken | brontekst bewerken]

Externe links[bewerken | brontekst bewerken]