Volwassenendoop

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Volwassenendoop
Jardenit, Israel, oktober 2010

Volwassenendoop is een doop van volwassenen. Dit in tegenstelling tot die bij pasgeboren kinderen (kinderdoop). Baptisten noemen dit liever geloofsdoop omdat ook jongeren die nog geen volwassene zijn op grond van hun geloof gedoopt kunnen worden.

In het algemeen treedt men door de doop toe tot een kerk of gemeente. Met name in de Pinksterbeweging beschouwt men de doop echter als een getuigenis van het tot bekering gekomen zijn; men treedt toe tot de Kerk als geheel, en niet tot een bepaalde plaatselijke gemeente.

Volwassenendoop kan ook voorkomen bij mensen die strikt genomen niet volwassen zijn: vanaf ongeveer twaalf jaar wordt het toegepast. Een betere uitdrukking is dan ook 'doop op bekering' of 'doop na eigen keuze'.

De belangrijkste tekst die voor de volwassenendoop wordt aangevoerd is 1 Petrus 3:21, waar staat dat de doop een bede is van een goed geweten tot God. Men gaat ervan uit dat hier niet het geweten van de ouders bedoeld kan zijn, maar het geweten van de dopeling zelf, omdat bekering altijd een persoonlijke oproep van God is aan het individu. De redding door de doop in deze tekst slaat dan niet op eeuwig leven, maar redding uit het 'oude leven', uit de 'oude wereld', waar Noachs wereld een beeld van is. Vervolgens laat men dan in de 'oordeelswateren' het oude leven achter, en komt men als een nieuw mens weer boven water, in een andere wereld, die van Christus. De doop is dan een beeld van wat innerlijk reeds heeft plaatsgevonden.

In tegenstelling tot de kinderdoop die in sommige kerken wordt toegepast, wordt met name in evangelische gemeenten, baptistengemeenten, Jehova's getuigen en in de pinksterbeweging vaak gedoopt door onderdompeling. De argumenten zijn voor deze christenen:

de oorsprong van de doop (uit het rituele bad);
de beschrijving van de doop in de bijbel (in het Grieks staat er meestal in water; en toen hij uit het water kwam.
het Griekse woord voor dopen, βαπτίζω (baptízoo), betekent indompelen of onderdompelen.
de symboliek van de doop (begraven en weer verrijzen) is volgens deze groepen duidelijker bij de doop door onderdompeling.
navolgen van Jezus, die zich ook liet dopen door onderdompeling.

In de Grieks-orthodoxe Kerk doopt men ook kindertjes door onderdompeling.