Vragend voornaamwoord

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Het vragend voornaamwoord - vaak ook kortweg een vraagwoord genoemd - is een woordsoort in de taalkundige benoeming. Het is een functiewoord met behulp waarvan een taaluiting wordt ingeleid die meestal een inbreuk vormt op hetgeen eerder is gezegd.

Vraagwoorden worden vooral gebruikt voor het inleiden van vraagzinnen en sommige inhoudsbijzinnen, namelijk die welke een indirecte vraag bevatten (bijvoorbeeld: Ik vraag me af waar dat gebleven is.).

De belangrijkste Nederlandse vraagwoorden zijn:

  • welk(e) (niet-menselijk).
  • wie, wiens en wier (menselijk).
  • wat, wat voor een

Ook enkele bijwoorden worden gebruikt om een vraag in te leiden. Voorbeelden zijn hoe, wanneer en waarom.

Andere talen[bewerken]

Sommige talen zoals het Koreaans en Mongools kennen het zogeheten proverbum, een vraagwoord dat het eigenlijke werkwoord vervangt:

  • Nalssi-ga (weer-nominatief) eotteoh - seumni (beleefdheidsvorm) -kka (interrogatief suffix) (Koreaans: "Hoe is het weer?").

Het woord eotteoh - zonder de suffixen- betekent tegelijkertijd "hoe" en "zijn".