Persoonlijk voornaamwoord

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een persoonlijke voornaamwoord (Latijn: pronomen personale) is het voornaamwoord dat in de plaats van een zelfstandig naamwoord kan staan.

Onderscheiden worden:

  • de eerste persoon enkelvoud en meervoud
  • de tweede persoon enkelvoud en meervoud
  • de derde persoon enkelvoud en meervoud

In het enkelvoud duidt de eerste persoon op de spreker zelf, de tweede persoon op de aangesproken persoon en de derde persoon op degene over wie gesproken wordt.

De meervoudsvormen zijn vaak geen nauwkeurige meervouden en er zijn dan ook talen die voor de verschillende functies van het meervoud verschillende woorden hebben.

Het meervoud van de eerste persoon duidt meestal niet op de sprekers, want over het algemeen er is maar één persoon aan het woord. De betekenis van ervan is dan ook: de spreker en een of meer andere personen. Die andere personen kunnen de personen zijn namens wie de spreker ook spreekt, maar het kunnen ook aangesproken personen zijn.

Het meervoud van de tweede persoon duidt meestal op de aangesproken personen, maar kan ook op een of meer aangesproken personen duiden samen met anderen die geacht worden tot de aangesprokene(n) te behoren.

Het meervoud van de derde persoon duidt altijd op de personen over wie gesproken wordt.

Weglaatbaarheid[bewerken]

In sommige talen (bekend als pro-droptalen) kan het persoonlijk voornaamwoord in de functie van onderwerp worden weggelaten, omdat de gebruikte werkwoordsvorm al voldoende informatie geeft. Bijvoorbeeld in de Latijnse zin Cogito ergo sum (ik denk dus ik ben, een citaat van René Descartes) ontbreken persoonlijke voornaamwoorden. Dit verschijnsel doet zich nog steeds in onder andere het Spaans voor, zo zegt men bijvoorbeeld bailo ("ik dans") en niet yo bailo. Zegt men yo bailo dan valt de klemtoon op de persoon (ik). In andere talen wordt dit als telegramstijl beschouwd.

Juridische taal[bewerken]

Een nadeel van persoonlijke voornaamwoorden kan zijn dat niet duidelijk is wie ermee wordt bedoeld. In juridische teksten wordt daarom vaak de naam of functie van de persoon toegevoegd. Bijvoorbeeld: "De comparanten zijn mij, notaris, bekend".