U (voornaamwoord)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

U is een Nederlands persoonlijk voornaamwoord in de tweede persoon. Het is een van de mogelijke aanspreekvormen, waarmee de spreker zichzelf in dit geval ten aanzien van de aangesprokene een zekere afstandelijkheid aanmeet. U staat hiermee in contrast tot de informelere en alledaagse vormen jij/jullie en geldt als formeler en beleefder dan deze vormen.

U kan zowel voor één persoon als voor een groep worden gebruikt. Het is zowel de onderwerps- als de voorwerpsvorm. Het overeenkomende bezittelijk voornaamwoord is uw.

Achtergrond[bewerken | brontekst bewerken]

Oorspronkelijk (in het Middelnederlands) was du het enkelvoud en ghi (gij) het meervoud en de beleefde vorm. Toen du steeds minder werd gebruikt en gij en jij steeds vaker, ontstond er een behoefte aan een nieuwe beleefde aanspreekvorm. Zo ontstond er in de briefstijl van de 17e eeuw de vorm Uwe Edelheit, vaak afgekort tot Uwe Edt, Uw(e) Ed., U Ed. en U E.. De vorm U E. werd in de 18e en 19e eeuw vaak gebruikt (in deftige kringen). Uit U E. (gesproken uwée, met de klemtoon op de tweede lettergreep) werd Uwe (gesproken uwe, met de klemtoon op de eerste lettergreep) en U. Dit geschiedde ook onder invloed van u, de objectsvorm van gij.[1]

Gebruik[bewerken | brontekst bewerken]

In het Nederlands drukt men over het algemeen respect, eerbied of afstand uit door de beleefdheidsvorm te gebruiken. Al is dit gebruik de laatste decennia sterk afgenomen, toch wordt het nog vaak als onbeleefd aangevoeld als men een vreemde tutoyeert. Aan de andere kant kan het gebruik van de beleefdheidsvorm in informelere situaties juist als ongepast gezien worden, omdat hiermee (soms onbedoeld) afstand gecreëerd wordt. Het gebruik van de beleefdheidsvorm is in de meeste gevallen wederzijds, maar dat hoeft niet. In dat geval wordt een verschil, al dan niet groot van aard, uitgedrukt. Een voorbeeld daarvan is een ouder iemand die een aanmerkelijk jongere persoon tutoyeert, terwijl dat andersom niet zo is. Typisch voorbeeld hiervan is de middelbare scholier die de docent met u aanspreekt, terwijl de docent de leerling met jij aanspreekt.

Familiair gebruik[bewerken | brontekst bewerken]

In Nederland komt het voor dat kinderen soms 'u' mogen/moeten zeggen tegen de ouders en andere volwassen familieleden, vooral bij oudere generaties. Bij jongere generaties is dit gebruik vrijwel geheel verdwenen. In Vlaanderen wordt 'u' in de spreektaal vaak tegen familie en vrienden gebruikt, maar alleen als lijdend (Ik zie u graag.) of meewerkend (Ik ga u een boek geven.) voorwerp, niet als onderwerp. U is hier dan vaak niet de beleefdheidsvorm maar de objectsvorm van gij.

Hoofdlettergebruik[bewerken | brontekst bewerken]

Voorheen werd u, net als Sie in het Duits, altijd met een hoofdletter geschreven. Thans is dit ongebruikelijk. Het Witte Woordenboek geeft aan dat de hoofdletter mogelijk (maar niet verplicht) is voor een vorst of een godheid.[2] Voor God wordt binnen het christendom ook het voornaamwoord Gij gebruikt (met hoofdletter). In België is het echter niet ongebruikelijk om in zeer formele brieven u met een hoofdletter te schrijven.

Bronnen[bewerken | brontekst bewerken]

  1. A. van Loey, Schönfeld's Historische Grammatica van het Nederlands, achtste druk, Zutphen 1970; pp. 139-140, hoofdstuk 114c
  2. Prisma & Genootschap Onze Taal, het Witte Woordenboek Nederlands, Uitgeverij Het Spectrum, 2007; p. 1358

Zoek U op in het WikiWoordenboek.