West-Frisia

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

West-Frisia is de naam waarmee geschiedenisschrijvers het gebied aanduiden dat na de verovering van Magna Frisia in de 8e eeuw door de Franken, werd bestuurd door graven en o.m bestond uit de gebieden Texel, Wieringen, Medemblik en Kennemerland, Rijnland, de Kromme Rijn/Vechtstreek, Schouwen en Walcheren.

De oudste bronnen refereren aan het niet duidelijk gedefinieerde graafschap als West-Frisia ten westen van het Vlie. In de Lex Frisionum is sprake van het kustgebied tussen Vlie en Sincfal (later Zwin en/of Westerschelde) (inter Fli et Sincfalam). Het graafschap behoorde staatkundig gezien bij het Heilige Roomse Rijk. De graven van West-Frisia waren leenmannen van de koning of keizer van het Heilige Roomse Rijk. In de loop van de tijd is de zuidelijke begrenzing van Frisia geleidelijk naar het noorden opgeschoven.[1]

Rond 1100 heeft Holland zich losgemaakt van West-Frisia als de graaf Floris II comes Fresonum zich opeens comes de Hollant noemt.[2] Nadien verscheen de naam West-Frisia in de huidige betekenis van West-Friesland.