Witte zwanen, zwarte zwanen (kinderlied)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Witte zwanen, zwarte zwanen is een traditioneel kinderliedje.

Bij het liedje hoort een rondedans of een poortspel, dat gebruikt kan worden om een groep kinderen in twee willekeurige groepen te verdelen.

Oudste vindplaatsen van het liedje[bewerken]

Halverwege de negentiende eeuw zijn de oudste vermeldingen van dit liedje te vinden, in het tijdschrift De Navorscher. In de rubriek Vraagtekens (3e jrg, 1853, p. 127) wordt vermeld dat de schooljeugd in Ede, bij het spelen van een vorm van krijgertje, dit liedje zong, met als beginregels: 'Groene Zwanen, Witte zwanen / Wie wil er meê naar Engeland varen'.[1]

In 1855 (jrg. 5, p. iv) stuurt letterkundige Jan Christiaan Kobus als reactie hierop een uitgebreidere versie van het lied in, uit het Graafschap Zutphen, zoals hij zich het van vroeger (eerste kwart 19e eeuw?) herinnert:[2]

Kroene krane, Witte zwane.
Wie wil meê naar Engeland varen?
Engeland is gesloten
De sleutel is gebroken
In Engeland, daar stuift het zand
Daar gaan de klokjes bingel-de-bang
Bingel-de-bange de boeze.
Achter onzen hoese[3]
Stond een grooten nooteboom
enz.

Het oudste liedboekje waarin het liedje, volgens de Nederlandse Liederenbank van het Meertens Instituut, is afgedrukt, is Nederlandsche baker- en kinderrijmen, verzameld door J. van Vloten (1871; 4e druk 1894). Het liedboekje geeft drie varianten van het liedje: 'Kroene kranen, / Witte zwanen', 'Zwanen, witte zwanen, / Wie wil er meê naar Engeland varen?' en 'Groene granen, / Spitse spanen'. Als toelichting geeft Van Vloten 'poortspel' en 'danslied', bij achtereenvolgens de tweede en derde variant.[4][5] De tekst van 'Kroene kranen' in dit liedboekje uit 1894 komt vrijwel geheel overeen met de tekst in De Navorscher van 1855.

De Handschriftencollectie van G.J. Boekenoogen, verzameld in de periode 1891-1930, geeft 46 treffers van dit liedje. Slechts één hiervan begint met de woorden 'witte zwanen'. De eerste vindplaats van de incipit 'Witte zwanen, zwarte zwanen' is de Handschriftencollectie volks- en kinderliederen van Nynke van Hichtum (verzameld in de periode 1904-1938). Zij geeft daarbij als herkomst Zuid-Holland aan.

Ouderdom liedje[bewerken]

Dat de oudste vindplaatsen teruggaan tot de negentiende eeuw, wil niet zeggen dat het liedje uit deze periode stamt. In de negentiende eeuw werden, onder invloed van de Romantiek, veel volksliedjes verzameld en uitgegeven. Het liedje kan echter veel ouder zijn en in de orale traditie lange tijd zijn doorgegeven, voordat het voor het eerst werd opgetekend.

Liedtekst[bewerken]

Volksliedjes kennen, door hun mondelijke overlevering, vaak vele (regionale) varianten in zowel tekst als melodie. De huidige tekst van het liedje gaat gewoonlijk als volgt (zie varianten onder deze liedtekst).

Witte zwanen, zwarte zwanen
wie gaat er mee naar Engeland varen?
Engeland is gesloten
de sleutel is gebroken.
Is er dan geen timmerman
die de sleutel maken kan?
Laat doorgaan
laat doorgaan
wie achter is moet voorgaan!

Varianten[bewerken]

Zoals gebruikelijk bij traditionele liedjes bestaan er ook van dit liedje (regionale) varianten in tekst en melodie. Bijvoorbeeld:

r. 1:

Groene zwanen, witte zwanen
of:
Kroene kranen, witte zwanen

r. 2:

wie wil er mee

r. 5:

Is er dan geen smid in het land

r. 9:

de laatste zullen we vangen

Toelichting[bewerken]

Een 'kroenekraan' is een benaming voor de kraanvogel in Overijssel, Gelderland, Brabant en Limburg.[6]

Lied in andere talen[bewerken]

Johannes van Vloten vermeldt in Nederlandsche baker- en kinderrijmen (3e druk, 1874, p. 28) dat in het Duitse taalgebied over het algemeen ook Engeland genoemd wordt als land dat gesloten is. In Zwitserland is dit echter ook wel Ierland en in Oostenrijk is het meestal Hongarije.[7]

Een Duitse versie, gepubliceerd door Clemens Brentano en Achim von Arnim in 1808, begint bijvoorbeeld als volgt:

Ahne, Krahne, wickele wahne,
Wollen wir nit nach Engelland fahre?
Engelland ist verschlossen,
Schlösser sind verrostet,
Schlüssel sind verloren
Müssen wir ein Loch nein bohren
(...)[8]

Gezien het taalgebruik van de oudste versies lijkt het liedje niet hier te zijn ontstaan, maar vanuit Duitsland (of nog oostelijker) de Nederlanden binnen te zijn gekomen.

Spellied of poortspel[bewerken]

Verschillende bronnen geven aan dat er bij het kinderliedje een rondedans of poortspel hoort. Bij het poortspel vormen twee kinderen een poortje door hun handen in de lucht tegen elkaar te houden. De andere kinderen vormen een lange rij en gaan tijdens het zingen van het liedje onder het poortje door. Door op het laatste woord een kind te vangen en te laten kiezen (appel of peer, of gouden appel of zilveren peer), kan de groep kinderen in twee willekeurige groepen worden verdeeld.[9]

Ook is er wel melding van een spel dat meteen na afloop van het lied werd gespeeld: de kinderen zijn verdeeld in twee groepen; ze vormen allebei een lange slinger. De voorste 'poortkinderen' hebben elkaar nog vast. Het gaat er vervolgens om, om de andere groep helemaal over het midden heen te trekken.

Externe link[bewerken]