Naar inhoud springen

Zarafa

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Zarafa met verzorger, watervefschilderij van Nicolas Hüet (1827)

Zarafa (Soedan?, ca. 1825Parijs, 12 januari 1845) was een giraffe die leefde in de Jardin des Plantes in Parijs. Ze is waarschijnlijk een van de eerste giraffen die langer dan twee jaar in Europa leefden. Haar naam, die enkel postuum werd gegeven, betekent in het Arabisch 'charmante' of 'mooie', en ook 'giraf'.

Zarafa was een cadeau voor koning Karel X van Frankrijk van Mohammed Ali, de gouverneur van Egypte. Samen met Zarafa werden er ook twee giraffen gestuurd naar de Engelse koning George IV en keizer Frans II in Wenen. Deze dieren stierven echter wel binnen twee jaar.

De Franse consul in Egypte, Bernardino Drovetti, raadde Mohammed Ali om een buitengewone gift te doen aan koning Karel X. Hij hoopte zo de Franse koning ertoe te bewegen om zijn steun aan de Griekse opstand in te trekken. Dat bleek vergeefs, want op 20 oktober 1827 versloeg een geallieerde vloot, bestaande uit Franse, Engelse en Russische schepen een veel grotere Turkse vloot in de Zeeslag bij Navarino, waardoor de Griekse onafhankelijkheid onafwendbaar werd.

Ze werd gevangen als kalf in Sennar, Soedan. Op de rug van een kameel werd ze naar Khartoem gebracht. Op een boot op de Nijl kwam ze in Caïro aan. Via Kreta en Sicilië voeren ze in oktober 1826 naar Marseille, waar zij, haar twee verzorgers, twee antilopen en drie koeien (die haar melk gaven) op de 23e aankwamen. De brigantijn weermee ze werden vervoerd was speciaal aangepast voor haar lange nek. De zeereis kostte 4.500 francs, een groot bedrag. Na een quarantaine overwinterde het gezelschap in de tuinen van de prefectuur. Natuuronderzoeker Étienne Geoffroy Saint-Hilaire reisde in april naar Marseille om de tocht naar Parijs te leiden. Hij zorgde voor schoeisel en een van dekens gemaakte dubbele, gele jas, voor de wandeltocht van 900 kilometer naar Parijs. Het gezelschap bestond uit de twee Afrikaanse verzorgers (Hassan en Atir) en een verzorger aangeworven in Marseille, zes gendarmes, twee wagens met de antilopen, mouflons en voeder. De tocht begon op 20 mei 1827 en per dag werd 20 tot 25 kilometer afgelegd. Het duurde 41 dagen voordat ze in Parijs aankwamen en in elk dorp of stad was Zarafa een bezienswaardigheid. Toen ze op 30 juni in Parijs aankwam, waren er 100.000 mensen op de been om haar te zien.

Nadat ze aan de koning was gepresenteerd, werd ze naar de Ménagerie du Jardin du roi (nu: Jardin des plantes) gevoerd. Haar twee Afrikaanse verzorgers bleven daar bij haar. Ze bleef in Parijs tot ze 18 jaar later stierf. Ze werd opgezet en wordt bewaard in het Muséum d'histoire naturelle in La Rochelle.[1]