Kameel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nuvola single chevron right.svg Zie Kameel (spoorwegmaterieel) voor het historische NS-directierijtuig. Zie voor Kameel als hefinrichting Scheepskameel.
Kameel
IUCN-status: Kritiek[1] (2008)
Bactrische.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Mammalia (Zoogdieren)
Orde: Artiodactyla (Evenhoevigen)
Familie: Camelidae (Kameelachtigen)
Geslacht: Camelus (Kamelen)
Soort
Camelus bactrianus
Linnaeus, 1758
Verspreidingsgebied kameel
Verspreidingsgebied kameel
Afbeeldingen Kameel op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Kameel op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Zoogdieren
Camelus bactrianus ferus
Kameel uit de Tang-dynastie

De kameel (Camelus bactrianus) is een hoefdier uit de onderorde der eeltpotigen. In archaïsch Nederlands, bepaalde dialecten en sommige uitdrukkingen wordt hij ook kemel genoemd. De kameel verschilt van de dromedaris door het aantal bulten op de rug. De dromedaris heeft er een, de kameel twee. Dit onderscheid is typisch voor het Nederlands: vanouds kan kameel op beide soorten van het geslacht Camelus slaan. Daar het woord uit het Arabisch komt (جمل ǧamal), bedoelde men er oorspronkelijk zelfs vooral de dromedaris mee: de tweebultige kameel wordt in de Arabische wereld niet gehouden. Het woord kameel is afgeleid van de wortel ǧ-m-l 'schoonheid' en betekent dan ook zoveel als 'sierlijk beest'.

Soorten[bewerken]

Er werden in het verleden twee ondersoorten onderscheiden: de huiskameel (Camelus bactrianus bactrianus) en de Wilde kameel (Camelus bactrianus ferus). Tegenwoordig wordt de Wilde kameel als een zelfstandige soort beschouwd (Camelus feris). De huiskameel is een zeer algemene soort, die veelvuldig gehouden wordt en regelmatig in dierentuinen te zien is. De Wilde kameel daarentegen is ernstig bedreigd, en komt enkel voor in kleine populaties in de steppen en halfwoestijnen van China en Mongolië.

In dienst van de mens[bewerken]

Vanwege het gebruik als rij- en lastdier door nomaden en andere reizigers door de woestijn in bijvoorbeeld karavanen wordt het dier ook wel "het schip van de woestijn" genoemd. De kameel kan 280 kilogram dragen. Het dier wordt ook gehouden om zijn wol, melk en vlees.

Kamelen zijn ongeveer 4500 jaar geleden gedomesticeerd in Iran en Turkestan. Ongeveer 4000 jaar geleden bereikten ze Mesopotamië. Tussen 1700 en 1200 v.Chr. verspreidden de huiskamelen zich vanuit Iran over Zuid-Rusland, Noord-Kazachstan en Oekraïne. In de 3e eeuw v.Chr. bereikten de kamelen China.

Nomaden slachten vaak oude kamelen. Wanneer de kameel dood is, wordt deze gebruikt voor voedsel, maar ook voor water en in het uiterste geval als schuilplaats voor bijvoorbeeld een zandstorm. Voor laatstgenoemde functie wordt de kameel opengesneden, de organen en hersenen worden verwijderd en de binnenkant wordt schoongemaakt. Men ligt in de borstholte.

Kenmerken[bewerken]

Kamelen kunnen wekenlang zonder te drinken in leven blijven. Ze verliezen erg weinig water, onder andere doordat ze pas gaan zweten op het moment dat hun lichaamstemperatuur boven de 40 °C komt. De nieren zijn in staat om veel water uit de voorurine in het bloed terug te nemen. Ook kunnen ze grote uitdroging moeiteloos doorstaan. Als een kameel drinkt, drinkt hij bijzonder veel, meer dan 100 liter achter elkaar, tot 60 liter per minuut. In de bulten wordt vet opgeslagen, dat dient als energiereserve bij voedselgebrek. Als de bulten niet worden aangesproken, staan ze rechtop. Bij voedselschaarste, wanneer de kameel teert op het vet in de bult, gaan de bulten naar een kant hangen. De dikke vacht beschermt de dieren zowel tegen extreme hitte als extreme kou.

Kamelen zijn telgangers, en kunnen voor korte tijd vijfentwintig kilometer per uur rennen en dertig tot veertig kilometer per dag lopen. De eeltkussens onder de poten beschermen de kamelen tegen het hete zand.

Kamelen kunnen tot twee meter hoog worden en vijfhonderd tot zevenhonderd kilogram zwaar. Dit in tegenstelling tot de dromedaris, die lichter, maar hoger wordt. Dit is een aanpassing aan de koudere woestijnen van Centraal-Azië, waar 's winters de temperatuur behoorlijk kan dalen tot ver onder het vriespunt. 's Winters hebben de dieren een dikke vacht, die in de lente wordt geruid. Hierbij vallen grote plukken haar in één keer uit. Kamelen en dromedarissen hebben afsluitbare neusgaten. Dit heeft als voordeel dat er geen zand in kan komen.

Trivia[bewerken]

  • Dromedarissen en kamelen kunnen kruisen, en vruchtbare nakomelingen krijgen (hybridekameel). Deze bastaarden hebben één grote bult en zijn groter dan hun beide ouders;
  • Kamelen zijn eveneens te kruisen met lama's; zie: cama (dier)
  • De kameel is het attribuut van het gepersonifieerde Azië en in de middeleeuwen het symbool voor gehoorzaamheid;[2]
  • Ezelsbrug: het onderscheid tussen dromedaris en kameel is eenvoudig te onthouden. In het woord dromedaris zit één letter E, dus één bult. Kameel heeft twee E's en twee bulten;
  • Het Engelse Camel betekent niet alleen kameel, maar staat ook voor de groepnaam van alle kameelachtigen; vandaar dat op de pakjes van het sigarettenmerk Camel een dromedaris kan staan.
  • Een kameel is een paard ontworpen door een commissie, is een uitspraak uit de managementwereld.

Fotogalerij[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. (en) Kameel op de IUCN Red List of Threatened Species.
  2. Hall, J. (2000). Hall's Iconografisch Handboek. Leiden: Primavera Pers.