Keizerrijk Rusland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Pоссийская Империя
Rossijskaja Imperija
 Tsaardom Rusland 1721 – 1917
Vlag Wapen
(Details)
Kaart
1914
1914
Algemene gegevens
Hoofdstad Sint-Petersburg
Oppervlakte ± 21.799.825km² (1914)
Bevolking ± 128.200.000 (1897)
Talen Slavische talen, Turkse talen, Oeraalse talen, Mongoolse talen, Iraanse talen, Kaukasische talen, Toengoezische talen. Officieel: Russisch
Religie(s) Russisch-orthodox
Volkslied Боже, Царя храни! (God behoede de Tsaar!)
Munteenheid roebel
Regering
Regeringsvorm monarchie
Dynastie Romanov
Staatshoofd keizer (tsaar)
Geschiedenis
- Keizerrijk uitgeroepen 22 oktober 1721
- Februarirevolutie 2 maart 1917
Voorgaande en opvolgende staten

Tsaardom Rusland Tsaardom Rusland








Voorlopige Regering van Alle Russen Voorlopige Regering van Alle Russen
Russische Socialistische Federatieve Sovjetrepubliek Russische Socialistische Federatieve Sovjetrepubliek
Regentschapskoninkrijk Polen Regentschapskoninkrijk Polen
Koninkrijk Finland (1918) Koninkrijk Finland (1918)
Republiek Estland (1918-1940) Republiek Estland (1918-1940)
Republiek Letland (1918-1940) Republiek Letland (1918-1940)
Republiek Litouwen (1918-1940) Republiek Litouwen (1918-1940)
Volksrepubliek Oekraïne Volksrepubliek Oekraïne




Het Keizerrijk Rusland (Russisch: Российская Империя, Rossijskaja Imperija), ook wel het Russische Rijk, was een staat die bestond vanaf 1721 tot het uitroepen van de republiek onder leiding van de Voorlopige Regering in februari 1917.

Het Russische Rijk ontstond uit het Tsaardom Rusland, dat door de opvolgers van tsaar Ivan IV werd geregeerd. Het Russische Rijk was een absolute (erfelijke) monarchie met aan het hoofd een tsaar uit de familie Romanov. De Russisch-orthodoxe kerk was de staatskerk, die werd bestuurd door de heiligste regerende synode, nadat Peter I van Rusland het ambt van patriarch in 1721 had afgeschaft. De klassen in het rijk waren onder andere verdeeld in de adel, de geestelijke, de kooplieden, de kozakken en de boeren. Mensen uit Siberië en Centraal-Azië werden geregistreerd als "inorodtsy", dat letterlijk "mensen van vreemde afkomst" betekent.

Aan het eind van de 19e eeuw besloeg het rijk 22.400.000 vierkante kilometer, ongeveer een zesde van het totale landoppervlak op aarde. Alleen het Britse Rijk kon zich er in omvang mee meten. Toch woonden de meeste mensen toen in het Europese gedeelte van Rusland. Meer dan honderd verschillende etnische groepen behoorden tot het Rijk, de talrijkste groep (45%) waren de Russen.

Peter de Grote[bewerken]

Peter de Grote veranderde zijn titel in 1721 toen hij zich "Alleenheerser van geheel Rusland" (Samoderzjets Vserossiiski) liet noemen. Hoewel vele heersers deze titel aanhielden, stonden zij beter bekend als tsaar. In Peters ogen was Rusland een achterlijk land en hij wilde hierin verandering brengen. Hij maakte voor zijn troonsbestijging een rondreis door Europa, waarbij hij incognito met allerlei baantjes de ervaring opdeed om zijn rijk aansluiting te laten vinden bij de nieuwe tijd. Na een oorlog in het Oostzeegebied aan het begin van de 18e eeuw kreeg Peter voet aan de grond aan de kust. Daar stichtte hij in 1703 de stad Sint-Petersburg, die meer dan 200 jaar de hoofdstad van het Russische Rijk zou blijven.

Na Peter de Grote[bewerken]

Na de dood van Peter de Grote in 1725 regeerde zijn tweede vrouw Catharina nog twee jaar. Daarna volgde de oudste zoon van Peter, Peter II haar op, maar stierf drie jaar later op veertienjarige leeftijd aan de gevolgen van de pokken. De werkelijke macht lag bij de Opperste Geheime Raad, die Anna Ivanovna kozen als opvolgster van de kinderloze Peter II.

Na de dood van Anna Ivanovna in 1740, greep Elisabeth de dochter van Peter de Grote, met hulp van het Preobrazhenski Regiment de macht. Onder het bewind van Elisabeth was het Russische hof het mooiste in heel Europa. Ze leidde ook een actieve buitenlandse politiek, waarbij ze de kant koos van Oostenrijk.

Catharina de Grote[bewerken]

Catharina de Grote, van Duitse afkomst begon haar carrière met haar man Peter III uit de weg te ruimen. Ze was geïnspireerd door de Verlichting, maar na de Franse Revolutie stelde ze haar breeddenkendheid bij. Ze probeerde in navolging van Peter de Grote Rusland verder te verwesteren. Zo was Rusland een van de eerste landen ter wereld waar de vaccinatie tegen pokken op landelijke schaal werd ingevoerd. Ook heeft Catharina een grote rol gespeeld bij het verspreiden van opleidingsmogelijkheden voor kinderen. Bijna iedereen, met uitzondering van de toplaag van de bevolking, was analfabeet toen Catharina aan de macht kwam; de eerste universiteit was pas in 1755 gesticht.

Op buitenlandsvlak vergrootte de oppervlakte van het Keizerrijk met 518.000 km2, een gebied 12 maal de oppervlakte van Nederland of 17 maal de oppervlakte van België. Ze had succes tegen het Ottomaanse Rijk tijdens de Russisch-Turkse Oorlog (1768-1774) en de Russisch-Turkse Oorlog (1787-1792). Ze zette haar stroman Stanislaus August Poniatowski op de Poolse troon, dit was het begin van de opdeling van Polen.

Op diplomatiek vlak probeerde ze een bemiddelende rol te spelen in verschillende conflicten, waaronder in de troonopvolgingsstrijd in Beieren in 1778.

Op cultureel vlak probeerde Catharina haar gasten te imponeren met haar kunstverzamelingen. Het meeste gekende is het begin van de collectie van de Hermitage.

Alexander I[bewerken]

Alexander was de kleinzoon van Catharina en de zoon van Paul I. Hij kwam op de troon toen zijn vader in 1801 werd vermoord. Tot 1815 stond zijn regering in functie van de Napoleontische oorlogen, met als dieptepunt de inname van Moskou door Napoleon Bonaparte. Tijdens en na het Congres van Wenen (1815) kwam hij in aanvaring met de Oostenrijkse diplomaat Klemens von Metternich. Hij is ook de oprichter van de Heilige Alliantie, een bolwerk van conservatisme in Europa.

Nicolaas I[bewerken]

Nicolaas I was een jongere broer van Alexander I en werd niet opgevoed als toekomstige tsaar. Zoals de meeste andere staatshoofden van zijn tijd, leidde hij een star conservatief beleid. Hij stond bekend als de beschermer van regerende legitimisten en beschermheer tegen revoluties, zoals de revoluties in het jaar 1830 of de revoluties in 1848.

Zijn buitenlandse politiek stond voornamelijk in het teken van het uiteenvallen van het Ottomaanse Rijk. De Russisch-Turkse Oorlog (1828-1829) was een succes, maar met de Krimoorlog sleurde hij heel Europa mee in het conflict.

Twintigste eeuw[bewerken]

In 1914 bestond het Russische Rijk uit 81 gouvernementen (goebernija's) en 20 oblasten. Het Russische Rijk had als vazalstaten en protectoraten onder andere de Emiraten van Bukhara, Khanata en Khiva, en na 1914 Tuva.

Voor 1917 bestond het rijk voornamelijk uit het tegenwoordige Rusland, Oekraïne, Wit-Rusland, Moldavië, Finland (Groothertogdom van Finland), Armenië, Azerbeidzjan, Georgië, de Centraal-Aziatische staten van Kazachstan, Kirgizië, Tadzjikistan, Turkmenistan en Oezbekistan, het grootste deel van Estland, Letland en Litouwen, grote gebieden van Polen en het oostelijkste deel van het latere Turkije.

Binnen het keizerrijk bestonden er twee autonome staatkundige lichamen, het Koninkrijk Polen (1815-1831) en het Groothertogdom Finland (1809-1917).

Na de Februarirevolutie van 1917 riep de voorlopige regering het land uit tot republiek.