Bart Huges

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Hugo Bart Huges (Amsterdam, 21 april 1934Amsterdam, 30 augustus 2004) baarde in 1965 opzien - hij was toen een medicijnenstudent - doordat hij aankondigde een gat in zijn hoofd te willen boren om zo tot een verruimd bewustzijn te komen (trepanatie). Hij kwam op dit idee door te kijken naar enkele Afrikaanse stammen die dit ritueel ook uitvoerden. Deze operatie zou door enkele van zijn vrienden worden uitgevoerd (waaronder Simon Vinkenoog), maar deze trokken zich terug. Op 6 januari 1965 voerde Huges zijn experiment uit. Enige dagen later bleek dat Huges de "operatie" bij zichzelf had uitgevoerd met behulp van een boormachine van Black & Decker. Hij overleefde dit, maar werd toch twee dagen ter observatie opgenomen in het Wilhelmina Gasthuis omdat men twijfelde aan zijn mentale gezondheid. Zelf was hij vooral geschrokken van het opruimen van al het rondgespatte bloed. In 1970 verscheen van zijn hand bij de Amsterdamse Foundation for Independent Thinking: Trepanation: the cure for psychosis.

Landelijke bekendheid kreeg hij toen hij in 1965 ook te gast was in de show Voor de vuist weg van Willem Duys om over zijn bizarre operatie te vertellen.

In 1966 vertaalde hij Baudelaires Du Vin et du Haschisch comparés comme moyens de multiplication de l’individualité in het Nederlands: Over de wijn en de hasjiesj vergeleken als middelen om de individualiteit te vermenigvuldigen.

Met tekenares Eveline van Dijk maakte hij in 1978 ook vier stripboeken: Arnold Slak & de Slow Sisters op weg, Licht uit de put, Een wetenschappelijke sekte...? en Gnōthi seauton/Ken uzelf: erken uw oude engrammen.

Bart Huges werkte als documentalist bij het Koninklijk Instituut voor de Tropen. Hij was daar samensteller van onder meer De collectie Samson van de Centrale Boekerij van het Koninklijk Instituut voor de Tropen: De geschriften, plakboeken en mappen van Ph.A. Samson (1902-1966), voornamelijk betrekking hebbende op Suriname (1968).

Huges overleed op 70-jarige leeftijd aan een hartkwaal en werd begraven op de Amsterdamse begraafplaats Zorgvlied. Zijn archief over de periode 1934-1989 bevindt zich in het Stadsarchief van Amsterdam.

Externe link[bewerken]