Boerboel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Boerboel
Hondenras
Boerboel.jpg
Basisinformatie
Andere namen Boerboel
Oorsprong Zuid-Afrika
Classificatie FCI: geen
Lijst van hondenrassen

De Boerboel is een Zuid-Afrikaanse hond. De hond is gefokt om sterk en stevig te zijn en de schofthoogte van een reu mag niet lager zijn dan 66 cm. Bij een teefje mag die niet lager zijn dan 61 cm. Ze wegen tussen de 50 en 90 kilogram. Toch blijft hij lenig. Er zijn verscheidene kleuren; brindle, geel, rood, roodbruin en bruin zijn toegestaan, al dan niet met een zwart masker. Variabele kleuren komen steeds meer voor.

Het ras is duidelijk nog in ontwikkeling; de boerboel wordt pas vanaf de jaren tachtig van de 20e eeuw gefokt zoals wij hem nu kennen.

Het hoofd[bewerken]

Het hoofd moet groot en sterk zijn en recht tussen de oren. De bovenkaak moet sterk en breed aan de achterkant zijn met een kleine versmalling naar voren. De onderkaak moet breed aan de achterkant zijn met een kleine versmalling naar voren en moet goed samenvallen met de bovenkaak, het liefst in een schaargebit. De lippen behoren los en vlezig te zijn en de bovenlippen moeten niet overhangen. De lippen mogen ook niet grof of te dik zijn. De neus moet zwart gepigmenteerd zijn. De neus of de brug van de neus moet niet te lang zijn, circa 8-10 cm. Dit wordt gemeten van het puntje van de neus tot aan het middelpunt waar de ogen beginnen. Het neusbeen moet recht zijn, met weinig tot geen omhooggaande lijn (zoals de boxer). Het hoofd moet "bol" zijn met een krachtige mond, die goed samenvalt met de symmetrie van het hoofd. Het hoofd van het vrouwtje is een stukje smaller en heeft een vrouwelijke uitstraling.

De lichaamsbouw[bewerken]

De nek moet stevig en gespierd zijn en in relatie staan tot het lichaam, met een los nekvel en in een rechte lijn goed tussen de schouderbladen aanhechten. De rug moet eveneens sterk en recht zijn, een beetje gebogen over de lendenwervels is toegestaan. De borst moet breed, recht en gespierd zijn en het losse vel vanuit de nek moet tussen de voorpoten worden gespannen, waarbij het goed uitgerekt wordt om over de brede borst te passen. De poten moeten krachtig, recht en in staat zijn om het lichaam te dragen met zijn welgevormde, stevige voeten. Voorheen werd de staart gecoupeerd. De vacht behoort kort en zacht te zijn. De oren moeten slap en gemiddeld groot zijn en goed in relatie tot het hoofd zijn.

De ogen[bewerken]

Lichtbruin, geelbruin, donkerbruin en grijze zijn toegestaan.

Karakter, opvoeding en omgang[bewerken]

De Boerboel lijkt op het eerste gezicht een ruwe waakhond, maar is een goede verdediger met een groot hart voor zijn familie en kinderen, maar ook andere dieren op het terrein.

Hij hecht zich niet aan één baas, maar beschouwt zijn familie als één geheel. Een onverschrokken hond die als het moet zijn mensen met zijn eigen leven verdedigt, maar die tevens rustig en gedwee alles toelaat wat de kinderen des huizes met hem aanvangen.

De boerboel zal aanvoelen wie een gast is en wie een indringer. Hij zal weten wanneer zijn familie bang is of zich bedreigd voelt en hij zal met een grom duidelijk maken dat hij er is om hen te beschermen. De boerboel wordt gekenmerkt door een natuurlijke gereserveerdheid ten opzichte van vreemden en onverschrokkenheid op volwassen leeftijd.

De opvoeding vraagt veel inzet, doorzettingsvermogen en aandacht; de boerboel is een redelijk koppige hond. Een boerboel heeft een tuin nodig en een sportief gezin. Het onderhoud valt nogal mee, een wekelijkse borstelbeurt en een regelmatige controle van oren en ogen vormen de basisverzorging.

De boerboel voelt zich het best thuis in een gezin waar hij deel uitmaakt van de familie. Hij is zelfredzaam en bijzonder intelligent, wat hij dan ook uitspeelt wanneer je een fout begaat. Een consequente opvoeding zorgt ervoor dat er tussen de baas en de hond een wederzijds respect ontstaat, waarin echter steeds de familie hoger in rang blijft dan de boerboel. Zo zal de boerboel het meesterschap van de baas respecteren, maar als de familie in gevaar komt neemt hij het heft in eigen handen. Een mooie karakterbeschrijving luidt als volgt: "Hij moet een goed temperament hebben, intelligent en standvastig zijn met een hoge prikkeldrempel en zijn baas gehoorzamen tot aan zijn dood."

Een boerboel heeft een zeer consequente baas nodig. Regelmatig moeten boerboels op latere leeftijd herplaatst worden, omdat de hond te krachtig is voor zijn baas.

Tot op heden is de boerboel niet erkend door de FCI in Nederland.