Doodslag (levensbeëindiging)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Le meurtre van Paul Cézanne.

Doodslag is het opzettelijk, maar niet met voorbedachten rade, beroven van het leven van een ander.
Wanneer er wel sprake is van voorbedachten rade, spreekt men van moord.

Doodslag in de late middeleeuwen[bewerken]

In de late Middeleeuwen werd in heel West-Europa een scherp onderscheid gemaakt tussen doodslag en moord. Moord was niet zoals in de huidige tijd een doodslag in koelen bloede of met voorbedachten rade. In de late Middeleeuwen was het misdrijf moord verbonden met het begrip heimelijkheid. De middeleeuwse moord was de doodslag waarvoor de dader niet openlijk uitkwam, of waarvan de dader zich niet binnen een bepaalde termijn bekend had gemaakt.

Bij de middeleeuwse doodslag maakte de dader zich vrijwillig of onvrijwillig bekend. Indien iemand op een gruwelijke wijze om het leven was gebracht, dan bleef men dit beschouwen als doodslag als dit misdrijf openlijk was gepleegd, de dader op heterdaad was betrapt of wanneer hij de daad openlijk erkende.

Moord werd als een ernstiger delict beschouwd dan doodslag. Dit misdrijf kwam in tegenstelling tot doodslag in de late Middeleeuwen niet in aanmerking voor gratieverlening.[1]

Situatie in Nederland[bewerken]

Er is sprake van opzet als de dader wist dat zijn handeling iemands dood zou kunnen veroorzaken, ongeacht of dat zijn bedoeling was. Als iemand bijvoorbeeld een stoeptegel van een viaduct gooit, is er sprake van (poging tot) doodslag.[2]

Bij doodslag wordt onderscheid gemaakt tussen "gewone" doodslag, waarbij de doodslag als strafbaar feit op zichzelf staat, en gekwalificeerde doodslag. Bij gekwalificeerde doodslag heeft de dader voorafgaand, tijdens of na het plegen van een ander strafbaar feit doodslag gepleegd om de uitvoering van dat feit voor te bereiden of te vergemakkelijken of om de kans op betrapping te verkleinen. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer tijdens een gewapende overval iemand doodgeschoten wordt. Gekwalificeerde doodslag wordt als verzwarend feit gezien en daarom extra bestraft. Gekwalificeerde doodslag valt onder een eigen wetsartikel.

Indien de dood van een ander niet opzettelijk is veroorzaakt, maar wel verwijtbaar is, spreekt men van dood door schuld.
Mishandeling met de dood tot gevolg wordt onderscheiden van doodslag en dood door schuld.

Nederlandse Wet
Wet(boek): Strafrecht
Artikel: 287 en 288
Omschrijving:

Hij die opzettelijk een ander van het leven berooft, wordt, als schuldig aan doodslag, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren of geldboete van de vijfde categorie. Doodslag gevolgd, vergezeld of voorafgegaan van een strafbaar feit en gepleegd met het oogmerk om de uitvoering van dat feit voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heter daad, aan zichzelf of andere deelnemers aan dat feit hetzij straffeloosheid hetzij het bezit van het wederrechtelijk verkregene te verzekeren, wordt gestraft met levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren of geldboete van de vijfde categorie.

Nederlandse Wet
Wet(boek): Strafrecht BES
Artikel: 300
Omschrijving:

Hij die opzettelijk een ander van het leven berooft, wordt, als schuldig aan doodslag, gestraft met levenslange gevangenisstraf dan wel een tijdelijke gevangenisstraf van ten hoogste vier en twintig jaren.

Situatie in België[bewerken]

Doden met het oogmerk om te doden wordt doodslag genoemd. Het misdrijf bestaat dus uit drie elementen:

  • er moet de bedoeling zijn om te doden
  • er is de materiële handeling te doden
  • de dood wordt veroorzaakt bij een ander persoon (zelfmoord en de deelneming eraan zijn niet strafbaar).

Komt daar nog het element "voorbedachten rade" bij, dan spreekt men van moord.

Er zijn twee bijzondere gevallen: oudermoord (art 395) en kindermoord (art 396). Het gaat hier om juridische begrippen die respectievelijk de doodslag op de ouders en de doodslag op een kind bij de geboorte strafbaar stellen. Ondanks het feit dat de term "moord" wordt gebruikt in die begrippen, moet er niet noodzakelijk sprake zijn van voorbedachtheid.

Belgische Wet
Wet(boek): Strafrecht
Artikel: 393 en volgende
Omschrijving:

Doden met het oogmerk om te doden wordt doodslag genoemd. Het wordt gestraft met opsluiting van twintig jaar tot dertig jaar.

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Corien Glaudemans, Om die Wrake wille. Eigenrichting, veten en verzoening in laat-middeleeuws Holland en Zeeland (Hilversum, 2004) p. 27.
  2. http://www.rechtspraak.nl/ljn.asp?ljn=AQ5378