Getal van Ohnesorge

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Het Getal van Ohnesorge (Oh) is een dimensieloos getal dat aangeeft of een vloeistof eenvoudig of juist lastig is te verstuiven.

 Oh = {\eta \over \sqrt{\rho L \sigma}}
η = Dynamische viscositeit [kg m-1 s-1 in SI-eenheden]
ρ = Dichtheid [kg m-3]
L = Karakteristieke lengte [m] (dit is bijvoorbeeld de diameter van een vloeistofdruppeltje)
σ = Oppervlaktespanning [kg s-2]

Samen met het getal van Weber (We) kan het getal van Ohnesorge gebruikt worden om het uiteenvallen van een vloeistofstraal in druppeltjes en de impact van een vloeistofdruppel op een oppervlak te beschrijven. Dat komt onder andere van pas bij de studie van het drukproces in inkjetprinters[1]. Bij dit laatste fenomeen zijn traagheids-, viskeuze en capillaire krachten aan het werk. Het Webergetal kwantificeert de krachten die het uitspreiden van de druppel bevorderen, zoals de snelheid van de druppel; het Ohnesorgegetal de krachten die het uitspreiden tegenwerken, zoals de viscositeit.

Dit dimensieloos getal is genoemd naar de Duitser Wolfgang von Ohnesorge.[2]

Voorbeeld[bewerken]

Voor water bij 20°C is bij benadering de dichtheid gelijk aan 1000 kg/m3, de viscositeit 0,001 Pa.s en de oppervlaktespanning 0,073 N/m. Voor een druppel met een diameter van 3 mm (0,003 m) is het getal van Ohnesorge dan ongeveer 0,002.

Een even grote druppel van glycerine dat een dichtheid heeft van 1261 kg/m3, een oppervlaktespanning van ongeveer 0,063 N/m en een veel grotere viscositeit van 1,2 Pa.s, heeft een getal van Ohnesorge van ongeveer 2,46.

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Jiayan Tai; Hiong Yap Gan; Yen Nan Liang; Boon Keng Lo. "Control of Droplet Formation in Inkjet Printing Using Ohnesorge Number Category: Materials and Processes." Electronics Packaging Technology Conference, 2008. DOI:10.1109/EPTC.2008.4763524
  2. Wolfgang von Ohnesorge (1936). Die Bildung von Tropfen an Düsen und die Auflösung flüssiger Strahlen. Zeitschrift für Angewandte Mathematik und Mechanik 16 (6): 355-358 . DOI:10.1002/zamm.19360160611.