Jan De Cock
Jan De Cock (Etterbeek (deel Brussels Hoofdstedelijk Gewest), 2 mei 1976) is een Belgisch beeldend kunstenaar die installaties maakt. Hij beperkt zich niet tot één discipline maar zoekt grenzen op tussen beeldende kunst, fotografie en architectuur als een vorm van Gesamtkunstwerk.[1]
Inhoud |
[bewerken] Levensloop en werk
De Cock volgde aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten te Gent de afdeling 3D-multimedia en presenteert zichzelf als autodidact.
De Cock bedenkt en voert projecten uit die reeksen vormen van meerdere 'figuren' waarvan bepaalde facetten terugkomen in volgende werken. De alzo ontstane omvangrijke modules van onbewerkt hout (spaanplaat) doen denken aan schaalmodellen, waarvan architecten zich bedienen. Deze installaties krijgen een onvoltooid karakter die de omringende ruimte ingrijpend veranderen. De kijker wordt gedwongen zich te positioneren ten opzichte van de installatie, te zitten of van uit een hoogte omtrekkende bewegingen te maken. Alzo bestaat het kunstwerk als interactie tussen de ruimte, het werk en de toeschouwer. De sculpturen van spaanplaat krijgen de naam "Denkmal" met huisnummer van de locatie erachter vermeld. Het Duitse "Denkmal" staat voor "monument". Het bevat de woorden "denk" en "mal" of "een vorm voor het denken". Alzo wil de kunstenaar de realiteit een nieuwe vorm geven, en de toeschouwer uit zijn normale denkpatroon halen.
Daarbij is hij op zijn manier verknocht aan de traditie met de futurist Boccioni en de strakke geometrie van het modernisme. Hij is ook geboeid door de architectuur van Mies van der Rohe en het sterk betrokken oeuvre van beeldhouwer Constant Meunier. Verder wordt hij beïnvloed door het constructivisme, meer recent het minimalisme van Donald Judd en het werk van Dan Graham voor de architectuurbeleving. De Cock vermengt in zijn werk picturale en cinematografische referenties, zoals uit films van Jean-Luc Godard. De Engelse kunsthistoricus Jon Wood situeert De Cock in de traditie van het moderne beeldhouwersatelier, maar signaleert tegelijk de eigenheid van het hedendaags atelier, dat een ontmoetingsplaats is van mensen en ideeën. Het is stukken complexer dan de ambachtelijke werkplaats van vroeger.
[bewerken] Kunstprojecten
[bewerken] Tate Modern 2005
In de Tate Modern met 15 000 bezoekers per dag gelegen aan de Bankside te Londen, een vroeger industrieel gebouw van architect Giles Gilbert Scott recht tegenover Saint Paul's Cathedral, bouwde de kunstenaar in 2005 zijn eigen museum met bedachte strakke houten sculpturen die verwijzen naar van de vormentaal van het gebouw met name de raamverdeling en de structuur van de centrale hal. In deze installatie, verwijzend naar de essentie van de plek, straalt alles orde en geometrie uit met verwijzingen naar de erfenis van de abstracte kunst van Piet Mondriaan tot Donald Judd. De Cock weet met de grondvormen kubus en balk door een ingenieus spel van doorkijkjes en blinde wanden een totaal nieuwe denkbeeldige ruimte te scheppen die onze wijze van kijken radicaal beïnvloedt.[2]
[bewerken] Casa del Fascio te Como 2006
In 2006 realiseerde hij in het Casa del Fascio te Como van architect Giuseppe Terragni en twee galeries in samenwerking met de 40 jaar oudere Daniël Buren een reeks sculpturen in spaanplaat die inspelen op de bestaande architecturale vormentaal, genoemd: Denkmal 4. In plaats van het vroegere groen wendt hij wit aan dat beter aansluit op Terragni's gebouw. In dit verband verklaarde De Cock: "Terragni werkte met een beperkt arsenaal van basisvormen zoals de balk, het vierkant en de rechthoek. Dat staat heel dicht wat ikzelf doe. Ik heb altijd gewerkt met rudimentaire modules die een dialoog aangaan met een gegeven architectuur." Burens ingreep kwam neer op het aanbrengen van zijn bekende motief van nu groene verticale 8,7 cm brede strepen op De Cocks sculpturen en het werken met spiegels.[3]
[bewerken] MoMA 2008
In het voorjaar 2008 ging in het New Yorkse MoMA De Cocks eerste museumtentoonstelling in wording genoemd: "Denkmal 11, Museum of Modern Art, 11 West 53rd Street, New York, 2008" door. Hij kreeg er als eerste nog in leven zijnde Belg een eenmanstentoonstelling met de steun van de Society of Friends of Belgium in America. De kunstenaar realiseerde er in de lijn van zijn vroegere werken een installatie van de vloer tot aan het plafond waarbij hij foto's combineert met een reeks gebeeldhouwde modules in multiplex die de twintigste-eeuwse abstractie oproepen. Het fotomateriaal werd bedacht in antwoord op de specifieke locatie waar ze vertoond worden, en tonen verschillende objecten van de collectie van het MoMA, in combinatie met beelden uit de kunst-, architectuur- of filmgeschiedenis. Dit niet thematisch maar in een encyclopedische stijl. De constructie van de spaanplaten van de West-Vlaamse firma Unilin, grijpt plaats in zijn atelier te Anderlecht met behulp van zijn technische staf. Daarna verhuist alles via zeecontainers en zal men ter plekke de expositie opbouwen. De kunstenaar kreeg ter plaatse twee zalen en een gang in de afdeling fotografie van het MoMA ter beschikking. De doordacht uitgevoerde werken, gepresenteerd in grote zwarte lijsten, herinneren aan de streng geometrische composities van Piet Mondriaan.[4]
Verder waren er kunstzinnige interventies in de Seagram Building van Ludwig Mies van der Rohe en het Waldorf Astoria Hotel in de 74 verdiepingen tellende Art Deco-gebouw van Schultze en Weaver te New York. De kunstenaar maakte ook in East Hampton een een reeks fotowerken in de vroegere atelier van de abstract-expressionist Jackson Pollock.[5]
Eind maart 2008 raakte bekend dat het MoMA de installatie Denkmal 11 wilde verwerven. Dit werk gaat op termijn deel uitmaken van een Belgisch zaaltje van het MoMA. Er zal ook werk van René Magritte, James Ensor, Marcel Broodthaers, Luc Tuymans en Michaël Borremans ondergebracht worden. De plaatselijke pers vergeleek De Cocks fotoarchief met de vermaarde Atlas van Gerhard Richter. Richters archief werkt als een vergaarbak van verdrukte nationale en familiegeschiedenis terwijl De Cocks fotoarchief eerder onpersoonlijk en overdonderend smaakvol overkomt.
[bewerken] Brussel 2009
Tijdens de zomer van 2009 toont Jan De Cock in het Brussels Paleis voor Schone Kunsten speciaal voor deze plek ontworpen installaties onder de noemer Repromotion. In de verschillende zalen van het Paleis toont de kunstenaar op geometrische vormen gebaseerde monumentale installaties die een confrontatie aangaan met drie versies van het werk Heracles als boogschutter van Émile-Antoine Bourdelle. Het geheel oogt als ruimtelijke abstracte kunst met bedachte doorkijkjes, discreet beschilderd met gele verfstroken.[6]
[bewerken] Filmdebuut in 2010
Begin december 2010 kwam de kunstenaar in het Canvasprogramma Vormgevers uit met een 52 minuten durende zelfgeproduceerde film over zijn werk waarin de tentoonstelling Repromotion een centrale plaats inneemt.
[bewerken] Tentoonstellingsproject Jacqueline Kennedy Onassis 2011-2012
Jan De Cock koos Jacqueline Kennedy Onassis als overkoepelende titel voor zijn nieuwe tentoonstellingsproject omtrent spektakelcultuur, dat zal bestaan een periodiek van zes cahiers en twee tentoonstellingen. In een eerste luik in de White-Out Studio te Knokke-Heist van 10 september 2011 tot en met 31 januari 2012, worden systematisch de cahiers tentoongesteld en krijgt de tentoonstelling simultaan vorm. Op 9 maart 2012 opent het tweede deel van de tentoonstelling in de Staatliche Kunsthalle van Baden-Baden. De periodiek voert gaandeweg een dramaturgie op over de vele betekenissen die in de naam ‘Jacqueline Kennedy Onassis’ vervat zit. Denkbeelden als spektakel, saturatie en imitatie laten zich onderzoeken binnen een reeks, op elkaar inspelende, beeldverhalen. Ieder cahier heeft een aparte ondertitel. Het zijn allen variaties, geïmproviseerde weerwoorden op het spektakel ‘Jacqueline Kennedy Onassis’. In het kader van deze tentoonstelling zal ook een 'handboek' gepubliceerd worden met een overzicht van het oeuvre van de kunstenaar. Zowel de publicatie als de tentoonstelling, als de zes cahiers, vallen onder hetzelfde al omvattende concept. Het 'handboek' wordt uitgegeven bij Buchhandlung Walther König.
[bewerken] Reflectie en citaat
Met De Cocks werk staan wij veraf van de idee dat kunst een inwendige zielestrijd materialiseert, zoals het expressionisme. Kunst is eerder een gedachtenconstructie die zelfbewust positie kiest in het totale veld van de hedendaagse cultuur. Zij doet dit via tijdelijke fora als Documenta, de Biënnale van Venetië of via omvangrijke retrospectieven als Westkunst en Bilderstreit te Keulen. De Cock zoekt eerder specifieke locaties op zoals een bibliotheek, een galerie of museum, een modernistisch gebouw (Casa del Fascio te Como van architect Giuseppe Terragni), een gedefinieerd landschap (Grand Canyon of Everglades) waar hij plaatsgebonden tijdelijke installaties voor maakt, soms in combinatie met het voorhanden zijnde historisch kunstbezit.
Jan De Cock wordt door sommigen beschouwd als een van de belangrijkste kunstenaars van zijn generatie. Hoewel hierover geen algemene consensus bestaat, valt het niet te loochenen dat De Cocks werk en persoon aandacht voor hedendaagse kunst genereren.
[bewerken] Onderscheidingen
2003 Prijs Jonge Belgische Schilderkunst
[bewerken] Trivia
- De Cock voorzag het nummer 26 van het weekblad Knack (eind juni 2007) van een originele cover in de vorm van een triptiek in opengeklapte vorm. Daarbij signeerde hij een tweehonderd exemplaren ervan, willekeurig verspreid over de gehele oplage. Binnenin is een verklarende tekst met een korte bespreking van de tentoonstellingen van de kunstenaar van de hand van Luk Lambrecht opgenomen.[7]
- Zijn broer, Gerrit, is presentator op JIMtv.
- Hij woont in de Brusselse wijk Kuregem.
[bewerken] Publicaties
- Jacqueline Kennedy Onassis, Disambiguation #1 Saturation, isbn 9789020962116
- Jacqueline Kennedy Onassis, Disambiguation #2 Spectacle, isbn 9789020962833
- Jacqueline Kennedy Onassis, Disambiguation #3 Value, isbn 9789020947137
- Jacqueline Kennedy Onassis, Disambiguation #4 Imitation, isbn 9789020961096
- Jacqueline Kennedy Onassis, Disambiguation #5 Fanatism, isbn 9789020961294
- Jacqueline Kennedy Onassis, Disambiguation #6 Overcome, isbn 9789020961584
- Denkmal isbn 9080842419, 2004 De Appel, Amsterdam 556 pages
- Denkmal isbn 9080842427, 2006 Tate Modern, London 456 pages
- Denkmal isbn 9789080842434, 2008 Collaboration with Daniel Buren, Italy 650 pages
- Denkmal isbn 9789080842441, 2008 The Museum of Modern Art, New York 210 pages
Opgevat als een mobiel "Denkmal" verpakt in een stevige doos. Voor het tekstgedeelte zorgde ir.arch. Wouter Davidts.[8]
[bewerken] Bibliografie
- Karl van den Broeck, Ik wil een reclameblok zijn, in Knack 27 juni 2007.
- Marc Ruyters, Vierentwintig spiegels per seconde, in kunsttijdschrift H ART, tweede jaargang,2007, nr 30
[bewerken] Externe links
- Officiële website
- Over Jan De Cock
- Beloftevolle kunstenaar in het wiel van Tom Boonen
- Jan De Cock: de rebus als cultobject