Kerncentrale Fukushima I

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Fukushima I
Kerncentrale Fukushima I
Kerncentrale Fukushima I
Land Japan
Eigendom Tokyo Electric Power Company
Uitbater Tokyo Electric Power Company
Begin bouw 1966
Inbedrijfsname 26 maart 1971
Stillegging 11 maart 2011
Aantal reactoren 6 + 2 gepland
Fukushima in 2007
Fukushima in 2007
Lijst van kernreactoren
Fukushima-kerncentrale in 1975.

De kerncentrale Fukushima I (Japans: 福島第一原子力発電所, Fukushima dai-ichi genshiryoku hatsudensho, ook bekend onder de naam Fukushima Dai-ichi) is een kerncentrale in de Japanse gemeente Ōkuma (district Futaba) in de prefectuur Fukushima. De centrale ligt 250 kilometer ten noordoosten van de hoofdstad Tokio. Met zes aparte reactoren op deze locatie met een gezamenlijk vermogen van 4,7 GW is Fukushima een van de 25 grootste nucleaire energiecentrales in de wereld. Fukushima I is de eerste nucleaire installatie gebouwd door en in beheer van de Tokyo Electric Power Company (TEPCO).

Reactoren[bewerken]

Reactor Type Inbedrijfname Vermogen
Fukushima I - 1 BWR 26 maart 1971 460 MW
Fukushima I - 2 BWR 18 juli 1974 784 MW
Fukushima I - 3 BWR 27 maart 1976 784 MW
Fukushima I - 4 BWR 12 oktober 1978 784 MW
Fukushima I - 5 BWR 18 april 1978 784 MW
Fukushima I - 6 BWR 24 oktober 1979 1100 MW
Fukushima I - 7 (gepland)(stopgezet) ABWR oktober 2013 1380 MW
Fukushima I - 8 (gepland)(stopgezet) ABWR oktober 2014 1380 MW

Aardbevingsincident 11 maart 2011[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Kernramp van Fukushima voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Als gevolg van de aardbeving en daarop volgende tsunami van 11 maart vond een kernramp plaats. De drie operationele reactoren in de centrale werden binnen enkele seconden na het begin van de aardbeving automatisch stilgelegd door middel van een noodstop. Door beschadiging van het elektriciteitsnet moesten de koelpompen voor de centrales draaien op elektriciteit van een noodstroomvoeding, maar de benodigde generatoren bleken door de tsunami beschadigd. Hierdoor kon de warmte die ook na uitschakelen nog ontstaat in de reactorkern onvoldoende worden afgevoerd. Wat volgde was een serie van ongelukken in de verschillende reactoren in het complex. Hierbij ontstonden explosies en dreigden kernsmeltingen, ook wel meltdowns genoemd. In een poging om de reactoren te koelen werd zeewater in de reactoren 1,2 en 3 gepompt, bij gebrek aan leidingwater of ander schoon zoet water. Zeewater is sterk corrosief en bevat verontreinigingen waardoor de reactor in feite afgeschreven is aangezien het economisch niet haalbaar is om het systeem te ontsmetten[1]. Bij een brand in eenheid 4 kwam radioactief materiaal vrij in de atmosfeer. Het water in het splijtstofbassin bleek te koken. Dit zou bij verdamping van al het water in het bad kunnen leiden tot het smelten of verbranden van de splijtstofstaven die waren opgeslagen.

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Trouw.nl (13 maart 2011) Zeewater om kernsmelting te voorkomen